8 januari 2017

Schipper Arij Janse Verduijn (1694-1728) uit Delfshaven

Schipper Arij Janse Verduijn (1694-1728) voer voor de Verenigde Oostindische Compagnie (V.O.C.) naar Batavia (tegenwoordig Jakarta in Indonesië). Hij werd gedoopt op 10-9-1694 in Delfshaven als zoon van Jan Ariense Verduijn (†1736) en Maertje Pieters van Pavie (1660-1744). Arij Verduijn's eerste reis naar Indonesië - die ik heb kunnen vinden - was in 1712, toen hij 17 jaar oud was. Hij was toen bosschieter ofwel soldaat. Voor Arij kan het een geruststelling zijn geweest dat plaatsgenoot Jakob Verduijn schipper ofwel kapitein was bij deze reis met een schip genaamd "Wassenaar". Er waren 148 zeelieden en 18 soldaten aan boord. Onderweg bleek er bovendien sprake van een verstekeling.

Kaap de Goede Hoop
Een verre, lange reis, waarbij een schip meerdere maanden achtereen op zee bleef, bracht gevaren met zich mee voor de gezondheid van de bemanning. Gedurende de eerste 2 of 3 maanden van de reis liepen nieuwelingen vaak al scheurbuik op door een tekort aan vitamine C. Bovendien kon rond de evenaar langdurig windstilte optreden, waardoor een reis wel meer dan 30 weken kon duren. Het schip "Wassenaar" deed er ook ruim een half jaar over om de Kaap De Goede Hoop te bereiken.

De "Wassenaar" met Arij Janse Verduijn aan boord bleef 24 dagen bij de Kaap, waarna het verder reisde naar Batavia op Java in Indonesië. Tijdens de terugweg reisde Arij met het schip "Voorburg" voor de kamer van Amsterdam vanaf Ceylon naar Texel, waar het schip op 13-9-1714 aan kwam.

Reeds in december reisde Arij Janse Verduijn opnieuw af. Dit keer reisde Jan als "derdewaak" (3e stuurman) voor de kamer van Delft met het in 1708 gebouwde fluitschip "Nederhoven", dat een lengte van 130 voet had en een laadvermogen van 600 ton. Na een verblijf aan de Kaap in mei 1715, kwam het schip op 28-7-1715 in Batavia aan. Arij vertrok weer uit Batavia op 30-10-1715 met het schip "Voorburg". Na een lang verblijf aan de Kaap van 11 januari t/m 1 april 1716, arriveerde de "Voorburg" met Arij aan boord op 8 juli op het eiland Goeree in het zuiden van Zuid-Holland. Als begunstigden van zijn salaris worden zijn ouders genoemd: Jan Arensz Verduijn en Maertje van Pavije.

Reis
Schip
Kamer
Funktie
Vertrek datum
Kaap
Aankomst
Heen
Wassenaar
Delft
bosschieter 
10-5-1712
19-11-1712 tot 13-12-1712
18-2-1713
Terug
Voorburg
Amsterdam

1-3-1714
13-4-1714 tot 10-6-1714
13-9-1714
Heen
Nederhoven
Delft
derdewaak
23-12-1714
30-4-1715 tot 24-5-1715
28-7-1715
Terug
Voorburg
Delft

30-10-1715
11-1-1716 tot 1-4-1716
8-7-1716
Heen
Den Dam
Delft
schipper
24-5-1723
7-9-1723 tot 24-9-1723
18-12-1723
Terug
Den Dam
Delft
schipper
24-10-1725
22-1-1726 tot 28-2-1726
28-6-1726
Heen
Alblasserdam
Delft
schipper
4-4-1727
5-8-1727 tot 22-8-1727
25-10-1727

Arij Jans Verduijn is op 5-11-1719 in Rotterdam getrouwd met Jacoba Borstius. Zij was op 22-6-1698 in Rotterdam gedoopt als dochter van Wijna van Riel en de toen reeds overleden Jacob Borstius. Haar moeder was hertrouwd met Abraham Hovendaal en Jacoba zou later doopgetuige zijn bij kinderen van haar halfzus Anthonia Hovendaal. Arij en Jacoba lieten hun zoon Jan op 4-8-1720 in Delfshaven dopen met als getuigen Jannetje en Ariaantje Verduijn. Hun dochter Wijna werd op 3-10-1723 in Delfshaven gedoopt met als getuigen Willem van Riel, Jan Verduijn en Cornelia Haasbroek.

Een fluitschip
In mei van dat jaar was Arij Jans Verduijn vanaf Goeree uitgevaren als kapitein van het schip "Den Dam". Dit fluitschip was in 1716 gebouwd voor de kamer van Delft op de V.O.C.-werf in Delfshaven. Een fluitschip heeft een vlakke bodem, een rond achterschip en 3 masten. "Den Dam" had een lengte van 130 voet en een laadvermogen van 600 ton. Aan boord waren 104 zeelieden en 47 soldaten. Na een verblijf van 17 dagen aan de Kaap in september kwam "Den Dam" op 18 december aan in Batavia. Bij deze reis wordt Arij's vrouw, Jacoba Borstius, genoemd als begunstigde.

De laatste reis van kapitein Arij Jans Verduijn begon op 4-4-1727 op Goeree met het schip "Alblasserdam", dat eveneens een laadvermogen van 600 ton had. Er waren 94 zeelieden en 39 soldaten aan boord. Na weer een verblijf van 17 dagen aan de Kaap kwam Arij op 25 oktober op Batavia aan. Hij is in vervolgens Azië overleden op 8-1-1728, 33 jaar oud.


Arij's weduwe, Jacoba Borstius, is op 5-10-1730 in Delfshaven hertrouwd met Willem van Asperen (1700-1659) uit Amsterdam, die vanaf 7-10-1731 predikant was in Haarlem. Hij is in 1745 weer hertrouwd met Elisabeth Vrijmoet, weduwe van Gerrit Konijnenberg.

De Rotterdamse voet is 0,2823 meter.

Bron: VOC opvarendenVOCsite.nlrotterdam.digitalestamboom.nlhuygens.knawA.E. Leuftink: Harde Heelmeesters (Zeelieden en hun dokters in de 18e eeuw).


Geen opmerkingen:

Een reactie posten