16 april 2013

Beurt- en boterschippers

Vroeger zorgden schippers voor het vervoer van post en goederen.

Beurtschipper

Een beurtschipper onderhield een geregelde dienst tussen twee of meer plaatsen. Aan een beurtschipper werden uiteenlopende zaken toevertrouwd. Na het aanleggen moest de beurtschipper "van daar ten spoedigsten te besorgen aan den eijgenaar alle de brieven en addressen of opschriften en pakjes of geld, welke de schipper kan medenemen".

In de Hoeksche Waard voer een beurtschipper zowel vanaf 's-Gravendeel als vanaf "het Spui" bij De Wacht naar Dordrecht en Rotterdam. In 1780 werd een voorschrift opgesteld dat de "schippers zullen zig bescheyden en nugteren moeten gedraagen, teneinde de ingezetenen behoorlijk werden bedient en gerieft. Ook zullen dezelve by haare aankomst tot 's-Gravendeel zig in geene herbergen vermogen te begeven om te drinken of zig op eenigerley wijze aldaar op te houden".

Een Poonschuit
Boterschipper

Een boterschipper voer op een kleiner schip voor het doen van boodschappen, het bestellen van brieven en het vervoeren van kleinigheden. 's-Gravendeel had twee boterschippers die elke werkdag naar Dordrecht heen en weer voeren voor het doen van boodschappen, het bestellen van brieven en het vervoeren van andere kleinigheden. Arie Ariens Stooker, schipper vanaf 1729, had voor dit doel een poonschuit, die hij vanwege "zijn hogen ouderdom" in 1735 doorverkocht aan zijn opvolger Cors Ariens de Jongh. 

Korenschipper

Een korenschipper voer eens per week met een overdekt schip naar de weekmarkt in Rotterdam. Ook werd eens per week naar de Dordtse weekmarkt gevaren. Een korenschipper vervoerde alle zakgoederen, zoals graan, vlas, zaad, steen en kalk. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten