7 oktober 2013

Het buitenechtelijke kind van Francijntje Bestebroer

Vroeger was de vroedvrouw bij de bevalling van een ongehuwde vrouw vaak verplicht naar het vaderschap te vragen. De naam "van de geseijde vader” kwam doorgaans niet alleen terecht bij de schout, maar ook bij de dominee, die er dan melding van maakte in het doop­boek. Dat overkwam ook Francijntje Bestebroer. Zij was een dochter van mijn voorouders Cornelis Cornelisse Bestebroer (1663-1717) en Neeltje Ariens Polderdijk (1665-1717) en werd gedoopt op 27-3-1701 in Maasdam. 

Op 8-4-1725 liet Francijntje Bestebroer in Maadam haar buitenechtelijke zoontje Willem dopen. De dominee noteerde: "De vader zou zijn de backer van 's-Graven­deel, een getrouwd man, genaamd Willem”. Deze Willem was Willem Mom, mr. bakker en winkelier te 's-Gravendeel, wo­nende in de Noord-Voorstraat en getrouwd met Lijsbeth Franssen de Wolff. Willem had Francijntje dus niet alleen van brood voorzien. 



In Maasdam waren op 12-6-1717 "in wettige ondertrouw opgenomen Cornelis Corstiaanse Doesburg, j.m. geboren op de Hitzert, en Francijntje Cornelis Bestebroer, j.d. wonend onder Maasdam".Op 4 juli zijn zij "in de echten staat ingezegent". Cornelis was gedoopt op 7-10-1694 in Zuid-Beijerland als zoon van Corstiaan Cornelisz van Doesburg en Pleuntje Dirksdr. van der Ploeg. Er zijn geen kinderen bekend uit het huwelijk van Cornelis en Francijntje en het is aannemelijk dat Cornelis vóór 1725 is overleden en Francijntje dus weduwe was. 

Bron: http://www.seuterhistorie.nl/pages/sub/31698/Artikelen.html (De vroedvrouwen) door Dr. D.W. Gravendeel & het doopboek van Maasdam.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen