15 november 2013

Drieste dolkop Jacob Bos pleegde in 1922 een moord

Op de avond van 16 november 1922 werd de 71-jarige rentenier Barteld Bakker met afgesneden hals op de dorsvloer in de schuur in Veendam gevonden. Wonden wezen erop dat hij ook was geslagen. Zijn vrouw was die dag in Arnhem en vond 's avonds bij terugkeer de huisdeur gesloten. Daarop ging zij bij een buur om hulp. Tegen 10 uur 's avonds konden zij met moeite toegang verschaffen door de achterdeur en vonden zij de man.

De moord op rentenier Bakker,
Nieuwe Rotterdamsche Courant, 17-11-1922

Een politiehond leidde de politie naar het huis van Willem Bick in de Schipperstraat, waar Bick werd gearresteerd. Een uur later werd ook Jacob Bos aangehouden en daarna ook de vrouw van Bick. 

Jacob Bos was in juli 1897 geboren te Hoogezand, waar zijn ouders vroeger een schuitje hadden. Zijn moeder, Jantje Klein, overleed daar op 8-1-1902, toen Jacob 4 jaar oud was. Zijn vader, Albert Bos (±1850-1920), was aan de drank. Ouderliefde had Jacob niet gekend. Wel had Jacob broers Jan (1881-1960) en Willem (1884-1950) en zussen Willemina, Geertruida en Grietje. Jacob woonde in bij de familie Dijkstra in Ommelanderwijk.

Jacob Bos werkte nog maar 10 dagen voor huurboer Willem Bick, die 30 jaar oud was en 4 jonge kinderen had. Door de lage prijs van de aardappelen en de hoge huur van de boerderij van Bakker, was Bick steeds verder in de schulden geraakt. Bick's huurschuld bij Bakker was inmiddels opgelopen tot ƒ5667. Daarom maakte Bick een valse kwitantie en stelde hij Bos voor dat die Bakker 's avonds om 5 uur in de stal zou roepen om hem te vermoorden. Toen Bos Bakker had geroepen, ging Bick er echter vandoor. Vervolgens heeft de 26-jarige Bos met het scheermes, dat hij 's middags van Bick had gehad, Bakker de hals afgesneden. Daarna ging Bos naar het huis van Bick en kreeg daar van de vrouw van Bick een schone broek. Zij heeft Bos' bebloede broek verbrand. Daarna is Bos naar de familie Dijkstra gegaan. Bij hen was hij in de kost. 

"J. Bos, een woesten, stompzinnigen kerel",
Nieuwsblad van Friesland, 21-11-1922

Waar Willem Bick een financieel motief had, bekende Jacob Bos na zijn arrestatie ook uit drift over een kleine onenigheid de moord te hebben gepleegd. Het scheermes, waarmee Bos de moord had gepleegd, werd in beslag genomen. De verdachten werden de hele nacht verhoord en na lang praten kwam de bekentenis. 

Op 2 februari 1923 moesten Jacob Bos en Willem Bick te Winschoten voor de rechtbank terechtstaan. Op de zitting verklaarde dr. Mieremet, die een lijkschouw had verricht, dat de overledene een diepe wond aan zijn hals had en door verbloeding was overleden. Tietja Dijkstra-Das, bij wie Bos in de kost was, verklaarde dat Bos niet alles begreep en suf was en dat zijn vader een dronkaard was. De verdediger, mr. Zeven, wees ook op het verleden van Bos en verzocht om een onderzoek naar diens geestvermogens. 

"Zijn geestvermogens zijn niet ziekelijk gestoord", 
Het Volk, 31-5-1923

Jacob Bos werd op 22 februari overgeplaatst naar Groningen voor een onderzoek naar zijn verstandelijke vermogens door psychiater Van Mesdag. Op 28 mei werd de zaak hervat met een getuigenis van dr. Van Mesdag, die verklaarde dat Bos weliswaar weinig ontwikkeld is, maar vrij goed kan lezen en rekenen en dat een ziekelijke storing niet aan te tonen was. Bos was een eenvoudige boerenjongen, die weinig geluk in de wereld had gehad. Hij werd meer als een zwakkeling omschreven, dan als een slechterik. Bos zou pas hebben toegestoken, toen Bakker weer over Bos' vermeende luiheid begon. Daarop werd Bos woedend. Het was zeer goed mogelijk dat Bos in een opwelling van grote drift had toegestoken. 

Op 8 juni werd Jacob Bos tot 15 jaar gevangenisstraf veroordeeld. Willem Bick was op 16 februari tot dezelfde straf veroordeeld wegens medeplichtigheid aan moord en valsheid in geschrifte. Bick was echter in hoger beroep gegaan en ook in Groningen onderzocht. Op 11 oktober werd Bick echter opnieuw tot 15 jaar gevangenisstraf veroordeeld. 

Jacob Bos pas weer uit de gevangenis van Leeuwarden ontslagen op 24 augustus 1937. Hij trok weer in bij zijn pleegouders, het echtpaar Dijkstra, en ging aan het werk als kleermaker. Bos bleek echter nogal onhandelbaar te zijn. Op 27 november was er een woordenwisseling, waarna vrouw Dijkstra had gezegd dat Bos naar een ander kosthuis op zoek moest. Daarop zette Bos zijn pleegmoeder het mes op de keel. De heer Dijkstra snelde zijn vrouw te hulp, waarna Bos het mes op de grond liet vallen.

Daarom stond Jacob Bos op 24 februari 1938 opnieuw voor de rechter. Er werd 1 jaar gevangenisstraf geëist en beschikkingstelling van de regering. Uiteindelijk overleed Jacob Bos in Eindhoven op 27 maart 1943. 


Bronnen: kranten.kb.nl, wiewaswie.nl, Nieuwsblad van het Noorden, Het Volk, Nieuwsblad van Friesland, Leeuwarder Courant, Het Vaderland, De Telegraaf, Nieuwe Rotterdamsche Courant.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen