Posts tonen met het label Napoleontische tijd. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Napoleontische tijd. Alle posts tonen

16 februari 2022

Stephanie Schuddings (1850-1924) kreeg 18 kinderen in Clinge

Isabella Lockefeer (1825-1890) en schipper Napoleon Schuddings (1823-1853) trouwden op 12-7-1849 in Clinge in Zeeland nabij de Belgische grens. Zij kregen daar een aantal kinderen, waaronder op 10-3-1850 een dochter Stephanie Schuddings.
Toen Stephanie net 3 jaar oud was, is haar vader Napoleon op 29-jarige leeftijd overleden op 8-5-1853 in Clinge. Drie jaar later is haar moeder, Isabella Lockefeer, op 30-jarige leeftijd op 2-5-1856 in Clinge hertrouwd met de 32-jarige Ludovicus Josephus Schuddings. Hij was geboren in Kieldrecht, net over de grens in België, als zoon van Levinus Schuddings en Barbara van der Heijden. Isabella's eerste man, Napoleon Schuddings, was een zoon van Johannes Bernardus Schuddings en Johanna Catharina Groenings, dus haar beide echtgenoten waren géén broers. Ook met haar tweede echtgenoot kreeg Isabella Lockefeer kinderen.

Clinge ligt aan de grens met België

De allitererende Stephanie Schuddings is op 21-jarige leeftijd op 11-8-1871 in Clinge getrouwd met schipper Carolus Ludovicus Goossens. Hij is aldaar geboren op 25-2-1847 als zoon van Vitalis Goossens en diens eerste vrouw Amelia van der Heijden.
Met hem kreeg Stephanie 12 kinderen, waarvan er zeker 9 jong zijn overleden. Carolus Ludovicus is zelf op 36-jarige leeftijd overleden op 16-2-1884 in Clinge. Hun jongste zoontje overleed 3 dagen later, slechts 12 weken oud. Dat moet een zware slag zijn geweest voor Stephanie.

Ter Neuzensche Courant, 4-5-1887

Stephanie Schuddings is ruim 3 jaar weduwe geweest. Op 27-4-1887 in Clinge is zij hertrouwd met de 41-jarige arbeider Petrus Francies Pieters. Hij is een zoon van Jan Baptiste Pieters en Amelia van Schingen en werd geboren op 14-7-1845 in Clinge samen met zijn tweelingzus Louisa (1845-1912). Ook Louisa was een laatbloeier. Zij trouwde pas op 34-jarige leeftijd voor het eerst en trouwde een tweede maal op 47-jarige leeftijd, beide keren met een weduwnaar. Uiteindelijk werd Louisa Pieters 66 jaar oud.

Met Petrus Francies Pieters kreeg Stephanie Schuddings nog 6 kinderen, waarvan de helft de volwassen leeftijd zou bereiken. Toen zij van haar 18e kind beviel, was Stephanie al 50 jaar oud. Haar oudste overlevende dochter was toen al 21 jaar oud.

28 januari 2022

Zoeken naar soldaten in Napoleon's leger

In de periode 1802-1815 was de Franse keizer Napoleon Bonaparte in oorlog met de rest van Europa. Aanvankelijk zorgde een reeks militaire overwinningen ervoor dat Napoleon controle kon uitoefenen over het grootste deel van Europa.
Dat veranderde toen Napoleon besloot om Rusland aan te vallen. Voor die veldtocht stelde hij een leger samen van zo'n 500.000 man van verschillende nationaliteiten. Naast Fransen (50% bij infanterie, 35% bij de cavalerie) waren ook Italianen, Polen, Pruisen, Zwitsers, Nederlanders, Duitsers en Spanjaarden vertegenwoordigd. Tijdens deze desastreuze invasie in 1812 leed zijn leger enorme verliezen, vooral tijdens de barre terugtocht. Daarna kreeg het Franse leger zijn tactische overwicht niet meer terug.

In tegenstelling tot de meeste strijdkrachten in die tijd, opereerde het leger van Napoleon op een strikt meritocratische basis, waarbij promoties werden verdiend op basis van verdiensten. Hoewel de meeste contingenten onder bevel stonden van Franse generaals (behalve de Poolse en Oostenrijkse korpsen), konden de meeste soldaten de rangen beklimmen, ongeacht klasse, rijkdom of nationale afkomst.
De rekrutering van mannen die nodig waren voor zijn enorme leger - vrijwilligers en dienstplichtigen - was enorm, waarschijnlijk de grootste in Frankrijk - met uitzondering van de Eerste Wereldoorlog.

Meer dan 1 miljoen militaire registers van soldaten in Napoleon's leger zijn inmiddels geïndexeerd en de rest wordt nog geïndexeerd. Elk record bevat in principe de familienaam, voornaam, datum en plaats van geboorte, namen van ouders, inschrijvings- en ontslagdata en campagnegegevens voor elke soldaat. Er is ook een link toegevoegd naar de gescande afbeelding met hoge resolutie die wordt gehost door het Franse Ministère des Armées. De meeste records zijn van Franse soldaten, maar er zitten ook mannen in de database die afkomstig zijn uit andere Europese landen zoals België, Nederland, Duitsland, Polen en Italië.

Eén van de soldaten in Napoleon's leger was mijn verre voorouder Arie de Sterke (1796-1892).

Je kunt zoeken naar soldaten in Napoleon's leger bij GeneaNet.org:

https://en.geneanet.org/fonds/search-event/76/napoleon-s-soldiers

Hou er bij het zoeken wel rekening mee dat namen in de Franse tijd vaak op Franse wijze werden gespeld, bijvoorbeeld "Pierre" i.p.v. Pieter of "Jacques" i.p.v. Jacob(us).

Voor meer informatie over militaire voorouders zie: defensie.nl.

23 augustus 2019

Met welke Hendrik van der Wulp huwde Belia Haksteen (1756-1820)?

Sibilla (Belia, Beleke) Haksteen werd gedoopt op 12-9-1756 in Arnhem als dochter van Jan Haksteen (1724-1790) en Anna Geertruij But (1725-1785). Zij ging in ondertrouw op 17-1-1789 in Dordrecht met de in Dordrecht geboren weduwnaar Hendrik van der Wulp, die woonde in de Wijnstraat bij het Groothoofd in Dordrecht. Zij zijn getrouwd op 1 februari.

Beleke Haksteen trouwde in 1789 in Dordrecht met weduwnaar Hendrik van der Wulp.

Op 30-12-1789 in Dordrecht lieten zij een dochter Johanna dopen, die jong is overleden en mogelijk op 23-11-1790 in Dordrecht werd begraven. Op 11-2-1791 in Dordrecht lieten zij een zoon Jan dopen. Jan is op 24-jarige leeftijd op 20-4-1815 in Arnhem getrouwd met de 33-jarige Margrieta (Grietje) Rutgers (1781-1848) uit Varsseveld. Bij hun huwelijk was Sibilla Hacksteen aanwezig. In de huwelijkse bijlagen wordt vermeld dat Jan's vader, Hendrik van der Wulp, in 1794 werkte in een veldbakkerij van het leger en in september dat jaar is overleden te Spijk bij Gorinchem en aldaar is begraven.

Wie was deze Hendrik van der Wulp? Begin 1789, ten tijde van Sibilla's huwelijk, waren er in Dordrecht drie Hendriken van de Wulp die weduwnaar waren en die een reden hadden om een kind Johanna te noemen:
  1. Hendrik Barentsz. van der Wulp werd gedoopt op 3-4-1734 in Dordrecht als zoon van Bernardus (Barent) van der Wulp (1706-1782) en Johanna Verbrugge (1710-1779). Hendrik's vrouw, Antonia (Teuntje) van Lith, was in juni 1788 overleden. Zij liet geen kinderen na. Zowel ten tijde van de huwelijksvoltrekking in 1762 als bij Teuntje's overlijden woonde Hendrik in de Wijngaardstraat bij het Groothoofd.
  2. Hendrik Hendriksz. jr. van der Wulp werd gedoopt op 31-10-1738 in Dordrecht als zoon van Hendrik Hendriksz. sr. van der Wulp (1708-±1788) en Johanna Haverstad (±1715-1786). De vrouw van Hendrik jr., Maria Jonckers, was in september 1783 overleden. Uit dat huwelijk werden 5 kinderen geboren. Bij dat huwelijk in 1764 staat vermeld dat Hendrik jr. in de Vriesestraat woonde.
  3. Hendrik Hendriksz. sr. van der Wulp werd gedoopt op 17-10-1708 in Dordrecht als zoon van mijn voorouders Hendrik Ariensz. van der Wulp en Barbara Barents Schoevaart. Hendrik's vrouw, Johanna Haverstad, was overleden in oktober 1786 en woonde toen "agter in de Vriesestraat". Uit dit huwelijk waren 5 kinderen geboren.
Zowel in 1787 als in 1789 werd in Dordrecht een Hendrik van der Wulp begraven:
Dordrecht, April 1787:   
Hendrik van der Wulp in de Vriesestraat.
Laat Kinderen na. Best graft. 
Dordrecht, October 1789:    Den 14 d°
Hendrik van der Wulp, agter in de Vriesestraat.
Laat kint na. Best grav.
Het ligt voor de hand dat één van de overledenen de echtgenoot was van Johanna Haverstad, die dan op zijn 79e of 81e is overleden. Aangezien beiden minstens één kind nalaten en beiden in de Vriesestraat woonden zullen deze begrafenissen waarschijnlijk van vader en zoon Hendrik Hendriksz. van der Wulp zijn. Dan zou Hendrik jr. 49 of 51 jaar oud zijn geworden. De Hendrik Hendrikszonen zouden daarmee te vroeg zijn overleden om de vader van Jan te kunnen zijn.
Het begraven van Anthonia van Lith werd aangegeven op 30-6-1788 in Dordrecht.

In dat geval zou Sibilla Haksteen met Hendrik Barentsz. van der Wulp getrouwd zijn geweest, de weduwnaar van Antonia van Lith, die dan 60 jaar oud is geworden. Hij woonde tijdens beide huwelijken nabij het Groothoofd.
Sibilla Haksteen is als weduwe teruggekeerd naar Arnhem, waar zij is overleden op 13-6-1820. Haar zoon Jan van der Wulp is overleden op 18-9-1845 in Dordrecht en liet zonen na genaamd Hendrik en Jan.

Bronnen: RegionaalArchiefDordrecht.nl, André den Haan, WieWasWie.nl.

12 maart 2019

Cornelis Corporaal (1797-1856) uit Zwijndrecht vocht bij Waterloo

Cornelis Corporaal werd gedoopt op 7-5-1797 in Zwijndrecht als jongere zoon van Matthijs Corporaal (1768-1804) uit Oud-Albas. Matthijs is overleden toen Cornelis net 7 jaar oud was. Cornelis' moeder was Teuntje Ariese van der Leer (1764-1851).  

Cornelis ging als 16-jarige op 16-3-1814 als soldaat in dienst bij het 6e bataljon infanterie van linie. In 1815 vocht hij - net als de latere koning Willem II - mee in de Slag Bij Waterloo, waar de Franse Keizer Napoleon definitief werd verslagen. Op 21-5-1816 verkreeg Cornelis Corporaal eervol ontslag uit het leger. 


De Prins van Oranje, de latere koning Willem II, met Nederlandse militairen in België.

Op 12-3-1824 in Meerdervoort trouwde Cornelis Corporaal met Neeltje Willems van Dalen (1798-1880), die eveneens uit Zwijndrecht kwam. Zij kregen de volgende kinderen: Matthijs (3x), Aagje (2x), Teuntje, Willem en Cornelis (2x). Hun dochter Teuntje trouwde 2 maal en had 7 kinderen, waarvan er enkele de volwassen leeftijd bereikten en trouwden.

19 december 2018

Beroepssoldaat Frans Bestebroer (1791-1881)

Mede door het relatief vroege overlijden van Joost Bestebroer in november 1799 in Scherpenisse (Zld), hadden hij en zijn vrouw Catharina Hartog (1764-1841) slechts 2 zonen. De oudste zoon, Frans, was geboren op 2-1-1791 in Scherpenisse. Zijn broertje Benjamin volgde aldaar op 22-4-1796. Zij stammen - net als ik en een eerder beschreven Francois Bestebroer (1786-1806) - af van Cornelis Cornelisse Bestebreur (1663-1717) uit Maasdam (ZH).

In 1811 werd Frans Bestebroer in Scherpenisse vermeld als leerling timmerman (“garçon charpentier”). Nederland was in 1810 door Napoleon ingelijfd bij Frankrijk. Juist in de laatste jaren van zijn regime had Napoleon een grote behoefte aan soldaten; de oorlog in Spanje duurde al jaren, van de Russische veldtocht keerde minder dan 1/6 van de soldaten terug en in 1813 trokken Russische, Pruisische, Oostenrijkse en Zweedse legers samen op tegen Napoleon. In de zomer van 1814 wordt ook de 23-jarige Frans Bestebroer als militair vermeld en hij zou soldaat blijven.

Frans Bestebroer trouwde op 19-5-1814 in Middelburg met de dienstmeid Johanna Maria Sohet. Zij was geboren op 6-9-1786 in Hellevoetsluis als dochter van arbeider Christiaan Sohet en Pieternelle Hutchinson. In de periode 1814-1817 kregen zij 3 dochters van wie er 2 als baby zijn overleden. In 1817 woonde het gezin in Breda. In 1824 diende Frans Bestebroer in Fort Bath in het oosten van Zuid-Beveland. Daar is zijn vrouw - kennelijk na een langdurige ziekte - overleden op 6-10-1824.

Middelburgsche Courant, 9-10-1824

Frans' broer Benjamin trouwde in 1824 met Anna Maria Quist (1787-1855) en had een zoon Joost Marinus Bestebroer (1825-1888), die nakomelingen zou krijgen. Benjamin is op 27-1-1835 in Poortvliet overleden. De moeder van Frans en Benjamin, Catharina Hartog, is op 26-11-1841 overleden. Frans' enige overlevende dochter was Jozina Catharina Bestebroer (1815-1866), die ongehuwd zou blijven.

Ten tijde van het overlijden van zijn vrouw was Frans Bestebroer 2e luitenant bij het 1ste bataillon der infanterie. De infanterie waren grondtroepen. Het ligt voor de hand dat Frans in 1831 heeft deelgenomen aan de Tiendaagse Veldtocht tegen de Belgische Opstand. In de herfst van 1843 werd 1ste-luitenant Frans Bestebroer benoemd "tot plaatsmajoor van de 3de klasse te 's Hertogenbosch".

In de zomer van 1847 werd pensioen verleend "aan de kapiteints F. Bestebroer en H. van Snippenbergh, beiden plaatsmajoors der 3de klasse, eerstgenoemde te 's-Hertogenbosch en laatsgenoemde te Amsterdam". In de herfst van dat jaar werd het Frans Bestebroer gegund dat hij "de activiteits-uniform van het wapen der infanterie", waartoe hij vroeger behoord had, mocht blijven dragen. Deze Frans Besebroer is overleden op 31-3-1881 in Zwolle.

Bronnen: WieWasWie.nl, Delpher.nl.

3 juli 2018

Soldaat Christiaan Stam uit 's-Gravendeel in het leger van Napoleon

Mijn voorouders Corstiaan Aarts van Driel (†1797) en Cornelia Lammerts Grandia (±1720-1803) woonden in 's-Gravendeel in de Hoeksche Waard. Van die plaats zijn de doop- en trouwboeken vernietigd, wat reconstructie van hun gezin enorm bemoeilijkt. Het is waarschijnlijk dat Aart Korsz van Driel (±1744-1828) en Lambert van Driel (†1810) hun - naar hun grootvaders vernoemde - zonen waren. Wat ik wèl zeker weet is dat Corstiaan en Cornelia de ouders zijn van Jaapje Corsse van Driel (±1755-1825) en Neeltje Korsse van Driel (±1752-1835). Neeltje trouwde met Leendert Stam (±1752-1819) en van hen heb ik 4 kinderen gevonden: Cornelia (1785-1861), Arij (1787-1829), Anna (1797-1849) en Christiaan. 

's-Gravendeel

Christiaan Stam werd geboren op 3-7-1791 in 's-Gravendeel in de Hoeksche Waard. Tijdens de Franse Tijd ging hij in dienst bij het leger van Napoleon. De opleiding van een soldaat in het Franse leger duurde ongeveer 3 maanden, waarna de recruit werd ingedeeld bij een compagnie. Christiaan werd - met stamboeknummer 4645 - ingedeeld in het 124e Regiment Infanterie van Linie, dat aanvankelijk was gelegerd in Abbéville in het noorden van Frankrijk.

Het 123e, 124e en 125e linieregiment infanterie, het 33e regiment lichte infanterie, het 3e regiment grenadiers van de Keizerlijke Garde en het 2e regiment lansiers van de Keizerlijke Garde vochten zonder uitzondering in Rusland en leden daar zware verliezen. Ook de terugtocht uit Rusland ging gepaard met vreselijke ontberingen. Hierdoor was het dodental onder de soldaten uit de Hollandse departementen relatief gezien hoog. Zelfs van al Napoleon's oorspronkelijke manschappen was minder dan 1/6 over, toen zijn legers eind 1812 de Russische grensrivier de Njemen overstaken.

20 maart 2018

Fusilier Francois Bestebroer (1786-1806)

Francois Bestebroer werd geboren op 26-5-1786 in Zoutelande (Zld) als zoon van Joost Bestebroer (1749-1820) en Neeltje Riekwel. Francois stamt - net als ik - af van Cornelis Cornelisse Bestebreur (1663-1717) uit Maasdam (ZH).

Francois werd tijdens de Franse Tijd als soldaat ingedeeld bij het 14e Regiment "Infanterie van Linie" met stamboeknummer 5528. Het grootste deel van het leger bestond uit lijninfanterie, ook voetvolk of grondtroepen genoemd, en werd in rijen opgesteld, zodat de soldaten tegelijkertijd met hun musket konden schieten.

Een overlijdensbericht uit Zaragoza in Spanje op 23-3-1812 via Sedan werd geregistreerd in Oostburg (Zld) op 6-5-1813. Het betrof fusilier Francois Bestebroer, die slechts 20 jaar oud was geworden. Francois had in Spranje gediend in het leger van de latere koning Willem II (1792-1849). Willem was als prins door zijn vader naar Oxford in Engeland gestuurd om te studeren èn met de tevergeefse hoop dat hij daar met de Britse troonopvolgster zou kunnen trouwen. 
Na zijn studie diende Willem op het Iberische Schiereiland 3 jaar lang in het Engelse leger als aide-de-campes van de Engelse bevelhebber Arthur Welleysley, later hertog van Wellington. In 1812 nam Willem deel aan o.a. de zeer bloedige bestorming van het fort van Badajoz en de succesvolle slag bij Salamanca.

De Prins van Oranje, de latere Willem II, voert zijn leger aan.

5 februari 2018

Lijntje Huizer (1793-1835) huwde 3 maal

Lijntje Huizer werd geboren op 10-12-1793 in het Volgerland van Meerdervoort als dochter van Daniel Jansz. Huizer (1765-1807) en zijn tweede vrouw Maria Janse Boer (†1804), wier vader bekend stond als “Jan de Wit”. Lijntje had een jongere zus Maria Huizer (1794-1838), die op 17-jarige leeftijd op 6-11-1812 in Hendrik-Ido-Ambacht trouwde met Jacob Dwarswaard (1794-1837).

Twee maanden later, op 2-1-1813 in Hendrik-Ido-Ambacht is ook de 19-jarige Lijntje getrouwd. Haar bruidegom was Daniel Romijn, die op Nieuwjaarsdag 1792 in Zwijndrecht was gedoopt als jongste kind van Daniel Jansz. Romijn (†1797) en diens tweede vrouw Marija Sijmens Bergeijk. Zij kregen samen een zoon Daniel Romijn (1814-1857), die naar zijn beide grootvaders was vernoemd. Zoals in een eerdere blog is beschreven, is Daniel Romijn verdronken op 15-11-1814 nabij het Kralingsche Veer.

Op 11-11-1815 in Zwijndrecht is Lijntje Huizer hertrouwd met Arij Joosten Zijderveld . Arij was geboren op 20-4-1792 in Giessendam als zoon van mijn voorouder Joost Zijderveld (1759-1805) en zijn tweede vrouw Jannetje de Bondt (1762-1805). Arij was tijdens de Franse Tijd ingedeeld bij het 17e regiment infanterie van linie met stamboeknummer 13768.
Ten tijde van haar tweede huwelijksvoltrekking was Lijntje hoogzwanger, want haar dochter Jannigje werd reeds geboren op 24-11-1815 in Zwijndrecht. Het is dus heel goed mogelijk dat Arij helemaal niet de vader van haar kind was. Misschien was Arij zelfs al ziek. Na slechts een half jaar huwelijk is Arij Zijderveld overleden op 2-6-1816 in Zwijndrecht. Baby Jannigje's overlijden volgde op 16-10-1816. 

Op zondag 9-8-1818 rond het middaguur was in Hendrik-Ido-Ambacht de eerste afkondiging van het voorgenomen huwelijk tussen groenteverkoopster Lijntje Huizer en Huibert van Pelt. Mogelijk hadden deze verloofden al een langere geschiedenis samen, want op 11-12-1811 in Zwijndrecht had een Lijntje Huizer een op 27-11-1811 in 't Ambacht geboren zoontje laten dopen met de naam Huibert, waarbij zij als vader van het kind Huibert van Pelt had opgegeven. Huibert van Pelt was toen een getrouwd man, want al op 17-jarige leeftijd, op 4-4-1802 in Hendrik-Ido-Ambacht, was hij getrouwd met Meijnsje Korteland (1780-1849), die afkomstig was uit Alblasserdam. 

30 januari 2018

De hoed van Daniel Romijn (1792-1815) bleef drijven

Daniel Romijn werd gedoopt op Nieuwjaarsdag 1792 in Zwijndrecht als jongste kind van Daniel Jansz. Romijn (†1797) en zijn tweede vrouw Maria Simonsdr. Bergeijk (1753-1811). Daniel had een volle broer Simon Romijn (1789-1861), die tijdens de Franse Tijd als soldaat werd ingedeeld bij het 125e regiment infanterie van linie. Dat is één van de regimenten die zich opofferden op 27-1-1812 om de terugtocht van Napoleon's Grande Armée over de Berezina rivier in Rusland mogelijk te maken. Maar Simon heeft het overleefd en Daniel was degene die niet oud werd. 

Daniel Romijn trouwde op 2-1-1813 in Hendrik-Ido-Ambacht met Lijntje Danielsdr. Huizer. Zij verklaarden allebei “níet te kunnen schrijven noch teekenen”. Hun beider ouders waren toen inmiddels al overleden. Daniel's grootouders van vader's zijde, Jan Romijn en Maria de Jong, waren ook allang overleden. 
Op 1-2-1814 in Zwijndrecht kregen Daniel en Lijntje een zoon die vanzelfsprekend Daniel werd genoemd en daarmee naar zijn beide grootvaders werd vernoemd.

Lijntje Huizer, wonende te Zwijndrecht, verklaarde dat haar man Daniel Romijn met Willem Los en Jillis de Klerk met een bootje van Zwijndrecht naar Rotterdam was gevaren. Na hun terugkeer hadden zij haar verteld dat haar man, de 23-jarige Daniel Romijn, overboord was geslagen. 

Verklaring van W. Los en J. de Klerk over de aanvaring waarbij Daniel Romijn verdronk.

Willem Los (25) en Jillis Mattheusse de Klerk (24) verklaarden op 15-11-1815 dat zij op die rampzalige middag van 21-10-1815 vanuit Rotterdam terug voeren tussen het huis Sint-Ellebrecht en het Kralingse Veer op het Noorddiep. Rond 4 uur kwam er een beurtschip aan laveren - dat op weg was naar Rotterdam - en dat raakte hun bootje. Los en De Klerk lukte het om op het beurtschip te klimmen, maar van Daniel Romijn zagen zij daarna alleen nog zijn hoed drijven. 

Daniel's lijk werd nooit opgevist, noch werd er verder meer iets van hem vernomen. Daarom werd hij uiteindelijk in november 1815 dood verklaard, zodat zijn weduwe kon hertrouwen. Lijntje's tweede huwelijk zou nog korter zijn, waarna zij nog een derde huwelijk is aangegaan. Over haar kun je hier meer lezen.

Het Kralingse Veer.

Daniel's enige kind, ook Daniel geheten, trouwde in 1843 in Zwijndrecht met Hendrijntje Kortman uit Hendrik-Ido-Ambacht. Van hun kinderen bereikten Lijntje, Adriana en Albertus (1851-1900) de volwassen leeftijd. Albertus trouwde met Jannigje van der Bom en was de vader van o.a. Henderijntje, Dirk en Pieter Romijn. Daniel Romijn jr. is overleden op 8-6-1857 in Zwijndrecht. Zijn weduwe, Hendrijntje Kortman, is overleden in een ziekenhuis in Leiden op 17-2-1888.


Bronnen: WieWasWie.nl, FamilySearch.org (met name de huwelijkse bijlagen), RegionaalArchiefDordrecht.nl, ErfgoedLeiden.nl. 

19 december 2017

Hendriksje Cente Bos (1759-1811) overleed een dag na haar man

Mijn voorouders Cent Leenderts Bos (1723-1783) en Magteltje Reijerkerk lieten hun zesde en jongste kind, Hendriksje, in Numansdorp dopen op 29-7-1759. Hendriksje trouwde op dezelfde dag als haar broer en mijn voorouder Leendert Cente Bos (1755-1830); beiden trouwden in Numansdorp op 5-11-1786. Hendriksje's bruidegom, Gijsbert Cornelisse van Andel, was geboren in Almkerk in het Land van Altena, maar woonde inmiddels in Numansdorp.

Hendriksje Bos trouwde op 5-11-1786 in Numansdorp met Gijsbert van Andel

Gijsbert en Hendriksje kregen 4 kinderen: Cornelis (1789-1859), Magteltje (1792-1828), Johanna (1796-1877) en Cent (1801-1853). De jongste van hun kinderen was 9 jaar oud, toen Teunis Bartholomeus Vos op 24-1-1811 in Numansdorp aangifte deed van het lijk van Gijsbrecht van Andel, 50 jaar oud en nalatende 4 kinderen uit één huwelijk. De volgende dag, de 25e, werd door Jacob 't Jong als aflegger aangeifte gedaan van 't lijk van Gijsbert's weduwe Hendriksje Bos. Mogelijk zijn zij beiden aan een besmettelijke ziete overleden.

Hendriksje Bos overleed in januari 1811 een dag na haar man Gijsbert van Andel

Hendriksje en Gijsbert hebben het dus niet meer meegemaakt dat al hun 4 kinderen trouwden en ook weer kinderen kregen. In 1814 trouwde eerst zoon Cornelis met Anna van Rees en daarna zijn zus Magteltje met Jan van Rees, een halfoom van Anna. Johanna trouwde in 1833 met Abraham Baars en Cent in 1826 met Maaijke van Pel. Beide zonen hadden een zoon genaamd Gijsbert van Andel die de volwassen leeftijd heeft bereikt.

6 november 2017

Klaas Schuijt Geutjeszoon nam deel aan de Russische veldtocht

Hillegonda Christina Rondhout, huisvrouw van en bijgestaan door Nicolaas Dogger, kleermaker, beiden wonend te Alkmaar, verschenen in 1847 voor de arrondissementsrechtbank in Hoorn.

Nederlandsche Staatscourant, 30-10-1847

Hillegonda was eerder gehuwd geweest met de in 1822 overleden Johannes Thomas Bruinier, die een halfbroer was van Klaas Schuijt Geutjeszoon. Klaas had laatst in Enkhuizen gewoond en zich in 1810 in Amsterdam opgehouden. In 1811 was hij in de Krijgsdienst getreden en met het Franse Leger van Napoleon naar Rusland vertrokken. Sindsdien is hij nooit meer in Enkhuizen of Amsterdam gezien. Daarom is het vermoeden ontstaan dat hij is overleden tijdens de Russische veldtocht. Tijdens de Napoleon's terugtocht uit Rusland zijn de meeste soldaten door ontberingen, kou en honger omgekomen. Van velen is nooit meer iets vernomen. Dat geldt ook voor Klaas Schuijt Geutjeszoon.

21 september 2016

IJsbrand Engelen Konijn is sinds 1812 verdwenen

Op 21-9-1848 werd door de rechtbank te Alkmaar vastgesteld dat er "regtsvermoeden van overlijden bestaat" van  de sinds 1812 vermiste IJsbrand Engelen Konijn:

Nederlandsche Staatscourant, 14-10-1848

De verdwenen IJsbrand Engelsz. Konijn was gedoopt op 18-10-1791 in Egmond aan Zee als de enige zoon van Engel IJsbrantsz Konijn (1768-1822) en diens eerste vrouw Aaltje Wulberts Ranke (1767-1810), die uit Heilo afkomstig was.

De aftocht uit Rusland was vol ontberingen.

IJsbrand Konijn was in 1812 voor het Franse leger opgeroepen. Dat jaar hield Napoleon zijn veldtocht in Rusland, waarbij de meeste soldaten door ontberingen, kou en honger omkwamen. Van velen is nooit meer iets vernomen. Dat geldt ook voor IJsbrand Konijn.

Nederlandsche Staatscourant, 22-9-1847

17 juni 2016

Op het slagveld geboren...

Koopvrouw Frederika Louisa Wilhelmina van Beusekom was op 18-5-1864 in Utrecht getrouwd met Jean Paradies. Zij was geboren op 18-6-1815 "op het slagveld tussen Quatre-Bras en Waterloo" als dochter van Gijsbertus van Beusekom en Anna Verkerk. Zij is overleden in Utrecht op 11-1-1886. Haar man Jean was aldaar overleden op 14-12-1884. Jean was geboren op 30-7-1812 in Vlissingen als zoon van metselaar Johannes Paradies en Cornelia Pietersen.

Rotterdamsche Courant, 5-6-1865

De Slag bij Waterloo vond inderdaad plaats op 18-6-1815 en de Slag bij Quatre-Bras werd 2 dagen eerder uitgevochten. De baby is vernoemd naar Frederica Louisa Wilhelmina van Pruisen (1774-1837), de echtgenote van de Nederlandse koning Willem I.

18 januari 2016

Hendrik van den Broek uit Tilburg deserteerde in 1810

In de Franse Tijd werden door het Ministerie Van Oorlog in de Koninklijke Courant uitgebreide beschrijvingen geplaatst van deserteurs. Eén daarvan was Hendrik van den Broek, huzaar, zoon van Arnoldus en Annemie van Oosterhout. Hendrik was geboren in Tilburg, 18 jaar oud, 5 voet, 4 3/4 duim lang en van beroep droogscheerder. Hij had donkerbruin haar en wenkbrauwen, blauwe ogen, een heel gewone neus en mond, een gladde, ronde kind. Hendrik is op 18-1-1810 gedeserteerd van het regiment huzaren in de garde van de toenmalige koning Lodewijk Napoleon Bonaparte:

Koninklijke Courant, 27-1-1810
Hendrik's ouders, Arnoldus van den Broek en Anna Maria (Annemie) van  Oosterhout, woonden in Tilburg, waar zij op 2-5-1784 waren getrouwd. Bij hun huwelijk aanwezig waren Jan Baptist van den Broek, broer van de bruidegom, en Hendrick van Oosterhout, vader van de bruid.

20 oktober 2015

Voorouder Arie de Sterke (1796-1892) vocht bij Waterloo

Mijn voorouder Arie de Sterke (1796-1892) blijkt in de Slag bij Waterloo te hebben gevochten!

In 1890 wordt vermeld dat de 93-jarige Arie de Sterke - als één van nog enkele in leven zijnde oud-strijders van Waterloo - ƒ40 ontvangt om de 75e herdenking van de veldslag bij te wonen. Dat het daadwerkelijk mijn voorouder betreft, blijkt uit de vermelding van zijn schoonzoon, Frans Langeweg (1836-1915), die eveneens een voorouder is. 


Dordrechtsche Courant, 15-6-1890

Arie werd op 16-11-1796 in Dordrecht gedoopt als zoon van Pieter de Sterke (1765-1842) en diens eerste vrouw, Adriana Knikman (1766-1804). Reeds in 1810 trad de nauwelijks 14-jarige Arie in dienst bij een instructie-compagnie. In 1812 nam hij deel aan de beruchte veldtocht naar Rusland, waarbij Napoleon zijn soldaten in de steek liet. Arie legde de terugweg van Smolensk naar Dordrecht op eigen gelegenheid te voet af. In 1815 nam hij - in dienst van het Nederlandse leger - deel aan de veldslagen bij Quatre-Bras en Waterloo, waar hij onderdeel uitmaakte van het bataljon infanterie nationale militie no. 9.

De terugtocht uit Rusland was vol ontberingen

Dordrechtsche Courant, 18-6-1890

Arie de Sterke trouwde op 6-4-1825 in Dordrecht met Hendrika Pieters Faassen en erkende bij het huwelijk een zoon Pieter, die 10 maanden eerder was geboren. Vervolgens werden er 8 kinderen uit het huwelijk geboren. Vijf zonen en één dochter bereikten de volwassen leeftijd.
Arie de Sterke en 42 andere rechthebbenden kregen op 24-7-1865 het Zilveren Herdenkingskruis 1813-1815 opgespeld door jhr. F.W.A. Beelaerts van Blokland. Arie heeft tot op hoge leeftijd een goede gezondheid gehad; hij maakte nog dagelijks een wandeling en ook was hij nog in het volle bezit van zijn verstand. Hij is overleden op 8-8-1892, 95 jaar oud. Hij werd begraven op de 11e.

Opregte Steenwijker Courant, 15-8-1892

You can also read this story in English:                  
Arie de Sterke (1796-1892), my hero ancestor

1 oktober 2015

Het uiterlijk van Bastiaan van der Wilt (1772-1837) uit IJsselmonde

In de Franse Tijd werden door het Ministerie Van Oorlog in de Koninklijke Courant uitgebreide beschrijvingen geplaatst van deserteurs. Eén daarvan was de 29-jarige kurassier Bastiaan van der Wilt. Zijn lengte was 5 voet en 8 3/4 duim. Bruin waren zijn haar, ogen en wenkbrauwen. Bastiaan had een spitse neus en onopvallende mond, een ronde kin en een gladde huid. Op 27-5-1810 is Bastiaan gedeserteerd uit het 2de regiment kurassiers.

Koninklijke Courant, 25-6-1810

Bastiaan werd op 27-12-1772 geboren als zoon van Bastiaan sr. en Cornelia Sparreboom. Hij werd in IJsselmonde gedoopt op 3-1-1173 met als getuigen Leena Kleine en Neeltje van der Wilt. Bastiaan's ouders waren op 13-5-1766 in IJsselmonde in ondertrouw gegaan. Bastiaan sr. was meerderjarig en afkomstig uit Barendrecht. Cornelia Sparreboom was nog minderjarig en afkomstig uit Oost-IJsselmonde. Het paar trouwde op 5-6-1768 in Ridderkerk, waar Cornelia toen woonde. Het paar had in de herfst van 1770 al een zoontje gekregen, maar dat was als baby gestorven. Bastiaan kreeg nog een aantal jongere broertjes en zusjes, waarna Cornelia Sparreboom, huisvrouw van Bastiaan van der Wilt, op 8-8-1789 in IJsselmonde werd begraven. Bastiaan sr. werd begraven op 11-3-1790 in IJsselmonde.

Bastiaan van der Wilt was op 23-10-1802 in IJsselmonde getrouwd met Neeltje de Jong, jongedochter uit Rijsoort, wonend in IJsselmonde. Het paar kreeg enkele kinderen. Bastiaan van der Wilt overleed uiteindelijk op 23-12-1837 in IJsselmonde.

16 december 2014

Schipper Govert Baars (1775-1848) werd opgesloten wegens krankzinnigheid

Govert Baars werd op den 13 maart 1819 - op verzoek van zijn vrouw - door de Rechtbank in Dordrecht voor een jaar wegens krankzinnigheid "geconfineert" in het Stads Krankzinnig- en Beterhuis. Op 2 augustus van dat jaar werd hij alweer ontslagen, omdat hij was hersteld.

Krankzinnigen werden in Dordrecht vanaf 1760 ondergebracht in het voormalige Heilige Geesthuis van de Grote Kerk aan de Lindengracht. Opsluiting vond plaats wanneer er sprake was van sociaal verwerpelijk gedrag, zoals agressie, alcoholisme of verkwisting. Doorgaans diende een familielid een verzoekschrift in bij de Kamer Justicieel. Deze overlegde dan met de regenten van het huis. Soms werd ook een stadsdoktor om advies gevraagd.

Govert Baars was op 18 januari 1775 in Dordrecht geboren als zoon van Cornelis Jans Baars en Pieternella Schaap. Govert was vernoemd naar zijn gelijknamige oom en zijn overgrootvader Govert Thomasz Gravendijk. Van vader's zijde was Govert een achterkleinzoon van mijn voorouder Cornelis Jansze Baars uit Nederhemert. Govert was getrouwd met Maria Kwantes*. In de periode 1801-1812 lieten zij de volgende kinderen dopen: Cornelis, Jan, Pieter, Barend (2x), Maarten en Napoleon. Via zoon Cornelis (1801-5183) had Govert een gelijknamige kleinzoon. 

Op 11 september 1804 werd in Dordrecht een koopakte opgemaakt, waarin Arnoldus Tijssen, schipper en burger van Dordrecht, "bekende verkocht te hebben, en dienvolgende te cedeeren, transporteeren en in vollen vrijen eigendom overtedragen aan Govert Baars, mede Schipper en wonende binnen deze Stad: zijn Damloper Schuit, lang over Steeven 63 voeten en wijdt 15 voeten, met staande en lopend Want, en verdere bijbehorende Goederen, zo die reilt en zeilt". Hij gaf aan voldaan te zijn met "ene Sa. van Acht Hondert Guldens, gereet en contant geld".

8 november 2013

Naamgeving

Napoleon Bonaparte stelde het aannemen van een vaste achternaam in Nederland verplicht voor een goede persoonsadministratie: de "Code Civil" (letterlijk ‘burgerlijk wetboek’), ook de "Code Napoleon" genoemd
. De gegevens van iedere inwoner werden op een gestandaardiseerde manier vastgelegd. Daartoe werd een nieuwe ambtenaar van de burgerlijke stand aangesteld.  De invoering van de burgerlijke stand begon in het zuiden van het land. In Zeeland was dat in Zeeuws-Vlaanderen in 1796 en in Vlissingen in 1808. De overige delen van Nederland volgden op 18-8-1811.

In Zuid-Holland en de Langstraat waren familienamen in de 18e eeuw al in gebruik. Zo werd Cornelis Naecktgeboren al in 1674 met achternaam genoemd in Dubbeldam. Later kreeg hij een schoondochter genaamd Bastiaantje Abrahamme 't Hoertje. Gekke achternamen waren lang voor de Napoleontische tijd al in gebruik!
Toch bleven er in Noord-Nederland nog geruime tijd mensen over die geen achternaam voerden. Op 17-5-1813 werd een decreet uitgevaardigd waarin bepaald werd dat men toch echt voor 1-1-1814 een achternaam moest kiezen. Maar ook dat werd niet overal opgevolgd. Veel later, op 8-11-1825, toen koning Willem I inmiddels regeerde, vaardigde die een Koninklijk Besluit uit waarin werd bepaald dat wie nog geen achternaam had vastgelegd, daar nog 6 maanden de tijd voor kreeg.     

   

Het Koninklijk Besluit in de Groninger Courant van 25-11-1825

Vóór 1811 kon een achternaam nog weleens veranderen. Soms kreeg iemand een bijnaam van zijn omgeving opgedrongen en stond hij voortaan overal onder die naam bekend. Na migratie werd een achternaam soms aangepast, vooral als men in de nieuwe plaats moeite met de buitenlandse klank en spelling had, of men kreeg een nieuwe. Iemand die uit het zuiden kwam, werd bijvoorbeeld "De Vlaming" of "De Waal" genoemd. Een achternaam gebaseerd op de plaats van herkomst of bewoning komt vaak voor. Een ander voorbeeld is Anthonie Pietersz den Engelschen (±1606-±1658).
Voor die tijd werd gebruik gemaakt van een patroniem; een naam die van de naam van de vader is afgeleid. Een voorbeeld is "Cornelis Eerlansz", die een zoon was van "Eerlant Cornelisz".

21 juni 2013

Nationale Militie

In 1811 werd door Napoleon de dienstplicht ingevoerd, omdat hij in Frankrijk alleen niet genoeg manschappen kon verwerven. In het jaar, waarin een jongeman 19 werd, moest hij zich melden bij de gemeente om zich in te laten schrijven, waarbij zijn gegevens en een signalement werden genoteerd. 


Nationale Militie Certificaat van Pieter Bos (1827-92) van Cillaarshoek

In de Napoleontische tijd trachtten veel mannen zich aan de dienstplicht te onttrekken; er werd ondergedoken of gedeserteerd. Ook zijn veel Nederlandse mannen tijdens de Napoleontische veldtochten gesneuveld. 

Na het vertrek van de Fransen bleef de opkomstplicht voor mannen in Nederland gehandhaafd. Ieder jaar werd door de plaatselijke burgenmeester een lotingdag gehouden, waarbij een laag nummer dienstplicht betekende en een hoog nummer vrijstelling. Ook kon vrijstelling worden verkregen wegens lichaamsgebreken of broederdienst (wanneer één of meer broers in het gezin al eerder in actieve dienst hebben gediend). Verder kon de dienstplicht door rijke mannen worden afgekocht door te betalen voor een plaatsvervanger ('remplaçant' of 'nummerwisselaar'). Mannen werden ingedeeld in regimenten in de provincie, waar ze woonden. Officieel duurde de dienstplicht 7 jaar, maar in de praktijk was dat meestal 1 jaar plus een aantal herhalingsoefeningen. Pas in 1923 is het lotingsysteem afgeschaft. Sinds 1997 is de opkomstplicht officieel opgeschort. 

Zie: MilitieRegisters.nl.