Posts tonen met het label Dubbeldam. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Dubbeldam. Alle posts tonen

14 januari 2025

Zijn moeder en vrouw heten hetzelfde: Adriana Brand

Mijn eerste doopnaam is Jannigje, waarmee ik ben vernoemd naar mijn grootmoeder Jannigje Klootwijk (1906-1965). Zij is een dochter van Pieter Klootwijk en zijn vrouw Adriana Brand, die trouwden in Dubbeldam op 5 juni 1902. Zij kregen samen 10 kinderen.

Pieter Klootwijk & Adriana Brand

Deze Adriana Brand de jongere - ook Adriaantje genoemd - is geboren op 28 mei 1880 in Dubbeldam en overleden in september 1965. Haar ouders zijn Genis Brand (1857-1930) en Jannigje van Houweling (1857-1936), die neef en nicht waren via hun resp. moeders, de zussen Adriana Aaldijk (1832-1874) en Maria Aaldijk (1821-1898).
Genis Brand behoort tot een Dubbeldamse familie Brand, die afstamt van Willem Dirksz. Brand uit Bleskengraaf die in 1690 trouwde met Barber Hendriks van Bree uit Dubbeldam. Verdere voorouders van Willem heb ik niet kunnen vinden.

Adriaantje's man, Pieter Klootwijk, is geboren op 18 september 1875 in Dubbeldam en overleden op 12 februari 1964 in Dordrecht. Zijn ouders zijn Samuel Klootwijk (1835-1912) en Adriana Brand, die trouwden in Dubbeldam op 24 mei 1866. Zij kregen 8 kinderen, waarvan er slechts 2 de volwassen leeftijd zouden bereiken.

Deze Adriana Brand de oudere is geboren op 22 mei 1845 in Wieldrecht en overleden op 6 februari 1880 in Dubbeldam. Haar ouders zijn Pieter Brand (1814-1865) en diens eerste vrouw Lena Leendeerts Stam (1819-1850). Adriana was 6 jaar oud, toen haar vader hertrouwde met Neeltje Dorst (1827-1890).
Pieter Brand behoort tot een Wieldrechtse familie Brand, die afstamt van molenaar Jacob Jillisse Brand (1743-1796), die werd geboren in Neder-Hardinxveld en later verhuisde naar Wieldrecht. Zijn vader, Jillis Jacobsen Brand, werd gedoopt op 1 december 1697 in Bleskensgraaf als zoon van Jacob Ariensen Brand, die is begraven op 7 september 1727 in Molenaarsgraaf op de zuijt zij in het eerste vak [..] tussen de eerste en tweede pilaar en legt 4 voet uijt de muur.

Nieuwsblad gewijd aan de belangen van de Hoeksche Waard en IJselmonde, 10-7-1912

Voor Pieter Klootwijk geldt dus dat zowel zijn vrouw als zijn moeder Adriana Brand heetten. Voor zijn vader Samuel Klootwijk geldt dan dat zowel zijn vrouw als één van zijn schoondochters Adriana Brand heetten.

Bronnen: RegionaalArchiefDordrecht.nl, WieWasWie.nl (en voorganger GenLias), NationaalArchief.nl, District Klappers van Zuid-Holland.

4 maart 2024

Francina Adriana Zeltenrijch werd 93 jaar oud

Op 4-3-1821 in Streefkerk werd Francina Adriana Zeltenrijch geboren als dochter van Adrianus Hermanus Zeltenrijch en Jaapje Sprong. Het opvallende aan haar is dat zij 3 kinderen kreeg bij - waarschijnlijk - 3 verschillende vaders.

Francina Adriana Zeltenrijch was 19 jaar oud toen zij op 13-2-1841 in Streefkerk beviel van een buitenechtelijke dochter genaamd Johanna. Ruim anderhalf jaar later, op 24-12-1842, trouwde zij in Streefkerk met Gerardus Johannes (Gerrit) Sommerlatt. Hij was geboren op 13-4-1817 in Heusden als zoon van de militair Gerrardus IJzaak Sommerlatt en zijn vrouw Maria Catharina Bekkerman (†1828). Op 15-11-1843 in Streefkerk kregen zij een zoon Jacob en op 9-10-1847 in Lopik een zoon Isaac.

Stiefzoon Jan Willem
Keesmaat in 1896
Het lijkt erop dat Gerrit Sommerlatt zijn gezin heeft verlaten, want toen zijn overlijden werd aangegeven op 5-12-1859 in Dubbeldam waren de namen van de ouders en de echtgenote niet bekend bij de aangever.

Francina Adriana Zeltenrijch is op 7-9-1861 in Nieuw-Lekkerland hertrouwd met Gerrit Keesmaat (1821-1880), die 4 maanden eerder weduwnaar was geworden. Van de kinderen uit Gerrit's eerste huwelijk waren in elk geval Jan Willem Keesmaat (1852-1923, foto rechts) en Anna Cornelia Keesmaat (1848-1908) nog in leven. Francina Adriana was bijna 44 jaar oud, toen zij op 18-2-1865 in Nieuw-Lekkerland beviel van haar jongste kind, Andries Keesmaat. Twee jaar later overleed haar zoon Isaac Sommerlatt op 2-9-1867 in Hellevoetsluis. 

Johanna Zeltenrijch, de buitenechtelijke dochter van Francina Adriana, is in 1871 in Amsterdam getrouwd met scheepstimmerman Pieter de Kraaij uit Alblasserdam. Als weduwe is Johanna in 1878 in Amsterdam hertrouwd met winkelier Dirk Hazalaar uit Amsterdam.
Jacob Sommerlatt, de oudste zoon van Francina Adriana, trouwde in 1875 in Nieuw-Lekkerland met Mijntje Bouwman uit Oud-Alblas. Hij is overleden in Alblasserdam op 9-3-1940. 
Francina Adriana's jongste zoon, Andries Keesmaat, is in 1889 in Alblasserdam getrouwd met Cornelia Bothof (1865-1934), dochter van Jan Bothof en Cornelia Grotenboer, en kreeg met haar een zoon Gerrit, die de volwassen leeftijd bereikte en trouwde. 

5 augustus 2022

De naam Jannigje onder mijn voormoeders - een korte vernoemingsreeks

Mijn doopnaam is Jannigje Nelly Willy. Mijn roepnaam is Joan. Ik heb het altijd een vreemde combinatie gevonden, maar mijn moeder heeft nu eenmaal ooit zo besloten.

Jannigje ("Jansje") Klootwijk
(1906-1965)
  1. Mijn eerste naam, Jannigje, is een vernoeming van mijn vader's moeder, Jannigje Klootwijk (1906-1965), die acht maanden voor mijn geboorte aan darmkanker was overleden. Haar roepnaam was Jansje. 
  2. Mijn tweede naam, Nelly, is een vernoeming naar een andere overledene, mijn moeder's oudste zus, Pieternella de Jong (1917-1960), roepnaam Nel, die altijd goed voor haar jongste zusjes had gezorgd. Als hulp in de huishouding had zij als tiener tuberculose opgelopen en daarna een zwakke gezondheid gehouden en niet oud geworden. 
  3. Mijn derde doopnaam, Willy, is een vernoeming van mijn moeder's moeder.
Mijn oma, Jannigje Klootwijk, is weer vernoemd naar haar oma, Jannigje van Houweling (1857-1936), die getrouwd was met haar neef Genis Brand (1857-1930): Jannigje's moeder, Maria Aaldijk (1821-1898), was een volle zus van Genis' moeder, Adriana Aaldijk (1832-1874).

Handtekeningen van o.a. Jannigje van Houweling (1857-1936)

Jannigje van Houweling was het tiende van twaalf kinderen en dus is het onduidelijk naar wie zij kan zijn vernoemd. Een mogelijke kandidaat was een zus van Maria en Adriana: Jannigje Aaldijk (1827-1868). Deze Jannigje was de vierde van zes kinderen (voor zover mij bekend) en kan ook weer vernoemd zijn naar een tante van moeder's zijde, Jannigje Schoonderwoerd (1794-1822), die de zesde was van zeven kinderen. Verder terug kan ik geen verdere Jannigjes vinden in die tak.

15 juli 2022

Pietertje van Dongen huwde Hendrik van Dongen in 1890 in Dubbeldam

Op 14 augustus 1890 in Dubbeldam trouwde Pietertje van Dongen met Hendrik van Dongen. Zij waren achternicht en -neef.
Pietertje, de bruid, is geboren op 21 november 1868 in Dubbeldam als dochter van Adriana van Keppel (1833-1888) en Adriaan van Dongen (1836-1905), die een kleinzoon is van Jan Pietersz. van Dongen (1777-1842), die vanuit Cillaarshoek via 's-Gravendeel naar Dubbeldam verhuisde.
Hendrik, de bruidegom, is geboren op 22 oktober 1867 in Dubbeldam als zoon van Marigje Brand (1840-1917) en Jan van Dongen (1838-1926), die eveneens een kleinzoon is van - en vernoemd naar - voornoemde Jan Pietersz. van Dongen. Marigje Brand is weer een nakomelinge van mijn voorvaders Huig Hendrikse Brand (1723-1810) en Cornelis Danielse Koorneef.

  Jan van Dongen
  (1777-1842)
|
+------------+------------+
Pieter van Dongen
(1803-1846)
  Gerrit van Dongen
(1805-1855)
|
Adriaan van Dongen
(1836-1905)
  |
Jan van Dongen
(1828-1926)
|
Pietertje van Dongen
(1868-1947)

x
1890
|
Hendrik van Dongen
(1867-1945)
|
Adriana (“Jeanne”) van Dongen
(1896-)

Aannamer Hendrik van Dongen en zijn vrouw Pietertje kregen in Dordrecht kinderen met de namen Jan, Adriana (“Jeanne”), Adriaan, Hendrik, Johannes Cornelis en Marinus Pieter. Hendrik werd civiele ingenieur. Marinus Pieter werd machinefabrikant. Jeanne trouwde op 8 december 1921 met mijningenieur Hendrik Arie Dirk Gravendeel (1895-1977).
Pietertje en Hendrik van Dongen woonden later in Voorburg. Hendrik is overleden op 18 september 1890 in Doorn. Pietertje is overleden op 7 mei 1947 in Voorburg en begraven in Den Haag.

Trouw, 10-5-1947

Bronnen: WieWasWie.nl, Delpher.nl, D.W. Gravendeel, Kwartierstaat van Dirk Willem Gravendeel, Ons Voorgeslacht 1956.

6 november 2020

Wie zijn de ouders van Huig Gerritsz van der Linde en zijn vrouw Beatris?

Huig Gerritsz. van der Linden - of Lindt - en zijn vrouw Beatrix (“Beata”) Ariensdr. trouwden op 8 mei 1678 in Dubbeldam. Het 17e-eeuwse trouwboek van Dubbeldam is erg summier en daarom is het onbekend waar vandaan zij afkomstig waren. Beatrix en Huig lieten in Dubbeldam in de periode 1682-93 vijf dochters dopen met de namen Maeijcke, Neeltie, Cornelia, Ariaentje en Geertje, maar daarbij zijn géén doopgetuigen vermeld.

De familienaam van Beatrix is mogelijk Oorthoeck of Oosthoek. Gezien de periode waarin haar kinderen zijn gedoopt, kan Beatrix zelf in de periode 1650-60 zijn geboren. De diakonie van Dubbeldam heeft in 1702 "betaalt aan de wees-kinderen van Huijg Geerts van der Linden bij ‘t afsterven van haar moeder tot brood, booter, kaas etc., f 1:8:0". Toen was Beatrix dus al overleden.

Van Huig Gerritz. van der Linden heb ik gevonden dat hij een oom was van Johannes  (“Jan”) Jacobze Kockeel:

Dordrecht, Sondach den 29e Septemb. 1697:
 - Johannes Jacobze Kockeel, j.m. wonende ontrent de Nieuwe Kerck, geassisteert met Huuigh Gerritze van der Linde, desselfs oom, met
 - Cornelia Lammert Lammertse, j.d. wonende inden Augustijne Camp, beijde van Dordregt, geassisteert met Beatrix Dircks, haer goede bekende.
Den 13e october hier getrouwt.

Bovengenoemde Neeltie Lammers, huisvr. van Jan Jacobse Kockeel, was als muij - (oud)tante - op 24-12-1719 in Dordrecht weer getuige bij het huwelijk van ene Willem van Aaken.
De familie Kockeel lijkt van elders te zijn gekomen, want de vroegste familieleden met die naam in Dordrecht zijn - naast Jan - Gerrit Jacobze Kockeel en Cornelis Kockeel, die een zoon Jacobus liet dopen. De verwantschap met die familie blijft dus onduidelijk.

Huig zou een zoon kunnen zijn van Gerrit Gerrits, jonghman van Dubbeldam, en Marijken Huijgen, jonghe dochter van Rijswijk, beijde woonende te Rijswijck. Zij gingen op 9-4-1645 in Dubbeldam in otr. met att. om te trouwen in Rijswijk. Het is mij niet duidelijk of dit Rijswijk in Zuid-Holland of Noord-Brabant betreft.
Er woonde wel een Gerrit Gerritsz. van der Linden in Dubbeldam, want in 1675 deed de diakonie aldaar de volgende uitgave: "3 Maert. Betaelt aen Gerrit Gerritsen van der Linde voor het eerste half jaer mondtkost en cleedinge van Heijltie Jans, verschenen den 20 september 1674, f 13:0:0".

22 juni 2020

Lichtmatroos Cornelis Barendrecht (1774-93) uit Dubbeldam

Cornelis Barendrecht uit Dubbeldam vertrok op 10 juli 1792 als jongmatroos (lichtmatroos) op het schip “Teilingen” vanaf het eiland Goeree voor de kamer van Rotterdam. Het schip, onder leiding van kapitein Simon Vaartjes, had een tonnage van 1150 met aan boord 215 zeelieden, 85 soldaten en 8 passagiers. Een leven als zeeman was vroeger erg riskant. Er was regelmatig sprake van dodelijke ongevallen en velen overleden aan ziekte. Verder was er de slechte kwaliteit van het drinkwater aan boord, dat in eikenhouten vaten was opgeslagen. Tijdens de reis werd het water al gauw troebel en begon te stinken.

Onkosten en salaris van Cornelis Barendrecht (1774-1793)

Het schip met Cornelis Barendrecht aan boord deed van 15 oktober tot 3 november Kaap de Goede Hoop aan en werd daar weer bevoorraad. “Teilingen” kwam op 5 januari 1793 in Batavia aan met Cornelis Barendrecht aan boord. Nog geen 2 maanden later, op 26 februari, is Cornelis Barendrecht in Azië overleden.

Batavia is tegenwoordig Jakarta in Indonesië

20 januari 2020

Botteliersmaat Arij Bos uit Dordrecht is in 1711 in Azië overleden

Adriaan (Arij) Bos(ch) is op 4-5-1692 in Dubbeldam getrouwd met Cornelia de Ram. Zij lieten zonen Johannes en Wessel in Dordrecht dopen op resp. 8-2-1693 en 21-5-1694, maar beiden zijn overleden. Een dochter Commertina werd op 29-6-1695 in Dordrecht gedoopt. Opnieuw lieten zij zonen Johannes en Wessel dopen in Dordrecht op resp. 26-1-1698 en 7-8-1701.

Arij was op 26-11-1666 in Dordrecht gedoopt als Adriaan, zoon van Johannes (Jan) Bos en Commertje Baan. Cornelia is waarschijnlijk een dochter van Wessel Zachariassen de Ram en Neeltge Teunisdr. Ouboter, die op 20-8-1656 in Dordrecht zijn getrouwd.

Arij Bos is op 20-1-1710 uitgevaren als botteliersmaat op het jacht “Schonewal” voor de kamer van Zeeland. Er waren 152 zeelieden, 52 soldaten en 1 verstekeling aan boord. De taak van een bottelier aan boord van een schip was de inkoop van proviand en de rantsoenering daarvan. De bottelier voorzag de kok van de juiste hoeveelheid gort, erwten, bonen, kaas, zoutvlees, spek of stokvis. De bemanning verstrekte hij hun rantsoen water, azijn, dun bier en brandewijn. Arij Bos hielp de bottelier daarbij. De begunstigde van zijn salaris was zijn vrouw Cornelia de Ram.

Het jacht deed Kaap de Goede Hoop aan van 16 mei tot 5 juni 1710 en kwam in Batavia aan op 10-8-1710. Arij Bos is overleden in Azië op 3-9-1711.

Salaris en onkosten van Arij Bos uit Dordrecht

10 januari 2020

Marcus van Helmond (43) overleed in 1852 aan diarree

De Marcus van Helmond in dit verhaal werd geboren op 23-12-1808 in Middelburg als jongste kind van Marcus van Hellemont (1745-1817) en diens tweede vrouw Helena Weesepoel (±1765-1843). De familienaam wordt in de bronnen op verschillende manieren gespeld, waarbij zowel de letter h aan het begin, als ook de d en/of t aan het eind af en toe ontbreekt. Deze familie woonde in de 18e eeuw in of nabij Middelburg in Zeeland.

Marcus werkte als dagloner en is pas op 36-jarige leeftijd in het huwelijk getreden en wel op 9-5-1845 in Middelburg. Zijn bruid was Jacoba Geervliet. Zij is geboren op 28-4-1821 in Dubbeldam samen met een - als baby gestorven - tweelingzusje. Jacoba is een nakomeling van mijn voorvader Arie Geervliet uit 's-Gravendeel. Jacoba's ouders zijn Abraham Geervliet (1780-1850) en Jenneke Gijbels. Met haar ouders en overlevende broers en zussen is Jacoba rond 1830 verhuisd van Dubbeldam naar Middelburg.

Gasthuis en kerk in Middelburg

Het huwelijk van Marcus en Jacoba lijkt kinderloos te zijn gebleven. Marcus werkte zijn hele leven als dagloner. Begin 1851, toen hij 42 jaar oud was, kreeg Marcus gezondheidsproblemen. Op 13-1-1851 werd hij voor het eerst opgenomen in het gasthuis in Middelburg, dat gevestigd was aan de Lange Delft. Rond die tijd was er in het gasthuis sprake van onhygiënische toestanden, zoals bijvoorbeeld de constante aanwezigheid van wandluizen. 
Marcus werd opgenomen omdat hij hevige koorts had. Hij werd vervolgens 3 maanden in het gasthuis verpleegd.

2 januari 2020

De voorouders van Pieter Bastiaaensz Munter (±1690-1748)

 Onder mijn voorouders heb ik een Pieter Bastiaans Munter, die op 12-5-1720 in Dubbeldam trouwde met Teuntje Anthonissen Duijser. De trouwinschrijving in Dubbeldam vermeldt alleen hun namen, dus is het onbekend uit welke plaats Pieter afkomstig was.
 Teuntje Duijser werd op 13-1-1691 in Dordrecht gedoopt als dochter van Antonie Michielse Duijser (1658-1735) en Leena Dirxe Sevenhuijsen (±1665-1756). Pieter en Teuntje kregen acht kinderen, waarvan de tweede dochter, Lena, naar de moeder van Teuntje is vernoemd. De oudste dochter, Oetje Munter (1721-1788), kan dan vernoemd zijn naar Pieter’s moeder.
 In “Ons Voorgeslacht” 2006 is een artikel van K.J. Slijkerman te vinden over “De familiegroepen Munter op de Zuidhollandse Eilanden”. Daarbij is meteen duidelijk dat de meest voorkomende voornamen bij deze familie Andries en Bastiaan zijn, wat het zoeken naar de vader van Pieter niet eenvoudiger maakt.

doopinschrijving
Ariaantje Bastiaanze Munter liet in 1726 in Numansdorp een dochter Oeitje dopen.

 Eind 2019 had ik echter in enkele weken tijd twee doorbraken. Toen ik door het doopboek van Numansdorp zat te bladeren trof ik daar de doop aan op 13-10-1726 van Oeitje, dochter van Anthonie van Kuijk en Ariaantje Bastiaans Munter. De tweede doorbraak kwam een paar weken later toen ik in het trouwboek van Zuid-Beijerland vond dat op 11-9-1716 “Arijaantie Bastijaans Munter, wed.e van Dirck Arijens vander Linde, geboortig van Schravendeel” hertrouwde met Marcelis Pieterse de Groot, weduwnaar van Barber Jans Wuijster. Ariaantje Bastiaans Munter was dus geboren op ’s-Gravendeel en daarvan zijn de doop- en trouwboeken vernietigd.

22 oktober 2019

Cholera ontnam Adrianus Brand (1836-1905) drie kinderen

Signalement van
Adrianus  Brand (1836-1905)
Adrianus Brand was geboren op 1-2-1836 in Dubbeldam als tweede zoon van Hendrik Brand (1806-1896) en Adriana Stam (1811-1869). Daarmee is Adrianus zowel een nakomeling van mijn voorouder Huijg Hendriksen Brand (1723-1810), als van mijn voorouder Leendert Teunisse Stam (±1735-1811). 

Adrianus Brand was slechts ca. 1,50 m. lang. Zijn aangezicht was rond, zijn voorhoofd laag, zijn neus spits, zijn mond gewoon en zijn kin rond. Zijn ogen waren blauw en zijn haar en wenkbrauwen waren blond. Hij trouwde op 12-4-1861 in Dubbeldam met Pietertje van Dongen. Zijn vader en haar moeder waren als getuigen aanwezig. Pietertje is geboren op 5-1-1832 in Dubbeldam. Haar vader, de blonde Pieter van Dongen (1803-1846)*, was ten tijde van Pietertje's huwelijksinzegening reeds overleden. Pietertje's moeder, die wèl bij haar huwelijk aanwezig was, was Anna Verkuijl (1800-1892).
In de periode 1862-65 kregen Adrianus Brand en Pietertje van Dongen drie kinderen: Pieter op 31-1-1862, Adriana op 23-3-1863 en Hendrik op 14-7-1865 in Dubbeldam.

In 1866 brak cholera uit in Nederland. In de 19e eeuw waren er nauwelijks middelen voorhanden om cholera te bestrijden, hoewel langzamerhand wel het vermoeden was ontstaan dat cholera zich via vervuild drinkwater verspreidde. Men wist echter nog niet van bacteriën. Drinkwater werd toendertijd nog uit de rivier, gracht of sloot gehaald. Ook waren de secreetputten vaak dicht bij het oppervlakte water gelegen.
Cholera begint meestal met onduidelijke symptomen, waarna hevige aanvallen van diarree en overgeven volgen. Daardoor gaat veel vocht versloten, zodat een cholerapatiënt al binnen een dag uitgedroogd kan zijn. De ogen vallen in, de handen en voeten worden koud. Vaak overleed een patiënt na 3-4 dagen, maar soms al binnen een paar uur, nadat de eerste verschijnselen werden geconstateerd. De meeste dodelijke slachtoffers vielen onder kwetsbare groepen als zuigelingen en bejaarden. Sommige patiënten herstelden.

De kerk van Dubbeldam
Eind april 1866 werden de eerste gevallen van cholera ontdekt in Rotterdam. In sommige wijken van Rotterdam werd één op drie mensen door cholera getroffen. De snelheid waarmee cholera om zich heen greep veroorzaakte grote angst. Een algemene gebedendag  werd door de hervormde synode afgekondigd voor 22 juli. Hoewel sommigen dergelijke samenkomsten gevaarlijk vonden, vanwege de kans op besmetting, waren kerkbesturen er van overtuigd dat dit het beste was wat je kon doen tegen ziekte. Toch werden overleden cholera patiënten niet meer de kerk in gedragen, maar onmiddellijk met hygiënische voorzorgsmaatregelen en zonder verdere poespas (soms in noodgraven) ter aarde besteld. Nadien werd de herdenkingsplechtigheid in de kerk verricht.

De cholera uitbraak van 1866-67 kostte in Nederland het leven aan meer dan 21.000 mensen. Van deze sterfgevallen vond 75% plaats in de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht en dan met name in de steden.
De 4-jarige Pieter Brand overleed op 17-8-1866 rond 5 uur 's-middags. Zijn 1-jarige broertje Hendrik overleed de volgende morgen rond 5 uur 's-morgens. De 3-jarige Adriana overleed 3 dagen later op 22-8-1866 rond het middaguur. Adrianus Brand en Pietertje van Dongen waren in 4 dagen tijd hun 3 kinderen kwijt geraakt.

23 september 2019

Het bewogen leven van Margrietha Brandt (1830-1903)

Margrietha Brandt is geboren op 8-8-1830 in Dordrecht als oudste dochter van Johannes Brandt en Margrieta Ottevanger, die op 28-5-1828 in Dordrecht zijn getrouwd. Haar grootouders zijn Joost Brandt, Pieternella van der Matten, Antonie Ottevanger en Margrieta Hoogenboom. Catrina Maria Brandt (1834-1911) is de enige zus van Margrietha die ook is getrouwd. Hun zussen Pieternella Josina (1831-1917), Heberdina (1936-1901) en Antonia (1841-1915) zijn allen ongehuwd overleden.

Zicht op Dordrecht

Margrietha Brandt was zelf ook ongehuwd en 21 jaar oud toen zij op 9-3-1852 in Dordrecht beviel van een zoon die zij de naam Anthonie Adrianus gaf. Haar zusje Catrina Maria trouwde vervolgens in 1859 met Johannes de Visser.
Johannes Brandt, de vader van Margrietha Brandt, is overleden op 27-1-1857 in Dordrecht, 60 jaar oud. Zijn weduwe, Margrita Ottevanger, werd eveneens 60 jaar oud en is aldaar overleden op 26-7-1863.

Margrietha Brandt was 37 jaar oud en nog steeds ongehuwd toen zij op 13-9-1867 in Dordrecht beviel van een dochter genaamd Cornelia Wilhelmina. Toen Margrietha 2½ jaar later op 16-2-1870 in Dordrecht trouwde met Dirk Jacobus Hendriks, werd deze dochter bij hun huwelijk erkend. Dirk Jacobus is geboren op 4-1-1840 in Dordrecht als zoon van Marinus Hendriks en Cornelia Wilhelmina Huisman. Het kind lijkt dus vernoemd te zijn naar de moeder van Dirk Jacobus en het ligt dus voor de hand om aan te nemen dat hij wel degelijk de natuurlijke vader van het kind was. Uit de leeftijd van Margrieta bij het aangaan van haar huwelijk valt te verklaren waarom er verder geen kinderen meer zijn geboren.

13 augustus 2019

Arie de Bruijn verongelukte in 1882 op een molen

De 55-jarige Arie de Bruijn was op 15-8-1882 rond 7 uur 's avonds tijdens een onweersbui bezig op een molen in de buurtschap 't Visschertje in de omgeving van de Vissersdijk en de Noordendijk op het Eiland van Dordrecht. Daarbij viel hij uit de molen en kwam met zijn hoofd op een pomp terecht, wat hem zijn leven kostte.

Tilburgsche Courant, 20-8-1882

Arie de Bruijn werd geboren op 4-4-1827 in Dordrecht als oudste zoon van arbeider Adrianus de Bruijn (1802-1877) en zijn vrouw Tijsje Schouten (1800-1884), die beiden afkomstig waren uit Dubbeldam. Arie kreeg jongere broers en zussen met namen als Lena, Cornelis, Jacob, Dirk en Lijntje. Met hen heb ik een gemeenschappelijke voorouder in Arie Robbertsz Valk uit Arkel.

27 november 2018

Cornelis van der Giessen in de Sint Anthoniepolder

Sint Anthoniepolder
Al vaker heb ik geschreven over de ontbrekende 18e-eeuwse doopboeken van de Sint Anthoniepolder en 's-Gravendeel, plaatsen waar ik veel voorouders heb. Zo bevindt zich onder mijn voorouders van vader's zijde een Cornelis van der Giessen, die is overleden op 28-9-1798 in de Sint Anthoniepolder. Hij was getrouwd met Barber Cornelisse van Arkel, die aldaar op 21-2-1771 is overleden. Zij hadden i.e.g. zonen met de naam Arij, Cornelis en Pieter en hoogstwaarschijnlijk dochters met de namen Neeltje en Cornelia. Barber is hoogstwaarschijnlijk een dochter van Cornelis Cornelisz. van Erkel en Cornelia Pieters van Roon, die op 19-9-1710 in 's-Gravendeel impost betaalden om te trouwen.

Van familie van Cornelis van der Giessen kon ik aanvankelijk echter geen spoor vinden. Er leefden diverse mannen met die naam in die omgeving in de 18e eeuw. Enige tijd geleden vond ik echter een acte, waarin een vermelding werd gemaakt van een broer van Cornelis met patroniem.

Sint-Anthoniepolder, 22-6-1775:
Cornelis Cornelisz. van der Giesen, weduwnaar van Barber Cornelisdr. van Arkel, wonende binnen deze jurisdictie, verklaarde te revoceren alle voorgaande akten van voogdij en verklaarde te nomineren tot voogden over zijn na te laten minderjarige kinderen en erfgenamen zijn broeder Arij Cornelisz. van der Giesen en zijn zwager Cornelis Cornelisz. van Erkel.
De vader van mijn Cornelis van der Giessen heette dus ook Cornelis. Daarop ben ik in mijn genealogie bestand gaan zoeken, want ik verzamel al jaren alle mogelijke personen in de Sint Anthoniepolder en 's-Gravendeel. Zo vond ik een Cornelis Ariense van der Giessen, gehuwd met Neeltje Cornelisse Visser. Zij zijn waarschijnlijk de ouders van Arie, Grietje, (mijn) Cornelis, Bastiaan en Jan van der Giessen. Mijn Cornelis heeft dan zijn dochter Neeltje naar zijn moeder vernoemd.
Neeltje Cornelisse Visser is waarschijnlijk een dochter van Cornelis Gerritz Visser en Griettien Jans van de Merwe, die op 3-5-1682 in Dubbeldam zijn getrouwd met attestatie van Strijen. Griettien is een dochter van Jan Huijgen van de Merwe en Pieterken Jacobs, die via hun zoon Cornelis van de Merwe (±1656-1742) al voorouders van mij waren.

Met Cornelis Ariense van der Giessen ben ik één generatie opgeschoven, maar daar zit ik ook meteen alweer vast. Er was in de 17e eeuw in 's-Gravendeel een Arie Cornelisse de Jongere van der Giessen, maar diens zoon uit een derde huwelijk werd te laat geboren om mijn Cornelis te kunnen zijn. En Arie's broer Arie Cornelisse de Oudere vertrok naar Indonesië. 

10 mei 2018

Bastiaen Ariensz Roobol overleed na een steek met een rapier

Mijn aandacht werd getrokken door een bericht over een verzoening tussen de familie van enerzijds Peeter Potters en anderzijds Bastiaen Ariensz Roobol van Zwijndrecht, beiden ruiters te paard in het leger. Zij hadden ruzie gekregen in het buitengebied van Emmerich (net over de grens in Duitsland), waarbij Potters zijn rapier (een dun, scherp zwaard) had getrokken en daarmee Roobol zodanig had verwond dat die ten gevolge daarvan was overleden.

Op 19 mei 1667 in Dordrecht comp. voor not. G. de With: 

Sijgjen Ariens, weduwe van Arien Cornelisz. Roobol wonende in Zwijndrecht, geassisteerd met Daniël Ariensz. Huijser en Anneken Ariensdr. Roobol, haar schoonzoon en dochter, mede wonende in Zwijndrecht, enerzijds, en Theunisken van Hedichuijsen, vrouw van Cornelis Adriaensz. Potter, schout van Dussen-Muylkerk, anderzijds, te kennen gevende, dat Bastiaen Ariensz. Roobol van Zwijndrecht en Peeter Potters, hun resp. zoons, zich als ruiters in de "compagnie peerden" van ritmeester Villers begeven hebben en in 1666 in garnizoen gelegen hebben te Emmerich en dat in april 1666 beide mannen in een dorp buiten Emmerich geweest zijn en daar met elkaar woorden gekregen hebben, waarbij Potter zijn rapier getrokken heeft en Roobol zodanig heeft verwond, dat hij overleden is. Comparanten hebben besloten zich met elkaar te verzoenen.

Bastiaen Roobol was een zoon van wijlen Arijen Cornelisz. Roobol en diens tweede vrouw Sijchgen Ariens, die in Alblasserdam waren getrouwd.

Alblasserdam 23 mei 1632 (ondertrouw):
Arijen Cornelisz. weduwnaar [van Anneke Jan Willemsdr.] van Rijsoord en Sijchgen Arien Cornelisdr., van Alblasserdam, beiden wonende buiten Dordrecht. 
Bastiaen Roobol had een zus Anneken Ariens, die als j.dr. van Dubbeldam op 2-2-1659 in Dordrecht was getrouwd met Daniël Ariensz. Huijsert. Zij hadden i.e.g. een zoon Arijen, die 2 maal trouwde en een zoon Daniel liet dopen in Hendrik-Ido-Ambacht. Bastiaen's grootouders van moederszijde waren Arien Cornelissen Crijgsman/Crijger (zoon van mijn voorouder Cornelis Adriaensz. Crijgsman) en diens eerste vrouw, Sebastiaentge Crijnen.

Dit was echter níet het eerste drama in het gezin van Arijen Cornelisz. Roobol. Uit Arijen's eerste huwelijk met Anneke Jan Willemsdr. uit Almkerk, dat voltrokken was op 28-8-1616 in Dordrecht, had Arijen nog vier zonen: Cornelis, Jan, Pieter en Willem. Ook Cornelis was “per ongeluk” door doodslag om het leven gekomen. Die keer was de dader Arijen Arijensz. Bramen, man van Ingentgen Dircxdr., en zoon van Arijen Abrahamsz. Bramen. Arijen jr. kreeg een soort straatverbod opgelegd en moesten zowel de begrafenis betalen als 10 gulden aan de diaconie van Dubbeldam. 

Te Dordrecht op 4 mrt. 1644 comp. 
Arijen Cornelisz. Roobol, als vader van Cornelis Arijensz. Roobol, aan wie Arijen Arijensz. Bramen door ongeluk en bij toeval manslag heeft begaan, Jan Arijensz. Roobol en Willem Arijensz. Roobol, broeders van de overledene, Frans Cornelisz., Cornelis Cornelisz., Bastiaen Cornelisz., Pieter Cornelisz., Cuijnder Schoutten, Willem Schoutten, allen ooms en behuwde ooms van de overledene, Pieter Pietersz. Besteman, oudoom van de overledene [..], allen naaste bloedverwanten van Cornelis Arijensz. Roobol, voor henzelf en vervangende andere, absente of onmondige bloedverwanten van voornoemde Roobol. Zij verklaren overeengekomen te zijn met Arijen Abrahamsz. Bramen, als vader en Ingentgen Dircxsdr., de vrouw van Arijen Arijensz. Bramen, dat - aangezien de manslag door ongeluk en bij toeval is geschied - zij Bramen uit de grond van hun hart hebben vergeven, belovende hem daarover niet meer te zullen "moeijen noch molesteren", op voorwaarde, dat Arijen Arijensz. Braemen gehouden zal zijn alle naaste verwanten van de overledene "den wech te schouwen ende in geene gelagen te comen daer, de selve sijn, wijders dat sijluijden sullen betaelen aen de Armen van Dubbeldam de somme van thijen gulden alsmede alle de costen van de begraefenisse." Aldus gedaan in tegenwoordigheid van Damis van Slingelant, schout van Dubbeldam en Claes Cornelisz. Fles, koopman te Dordrecht, als getuigen.
Bron: A. den Haan: Huwelijken van militairen in Dordrecht, A. den Haan: Roobol.

21 februari 2018

Leendert Stam (1889-1952) was 5x getrouwd

Leendert Stam werd geboren op 18-8-1889 in Dubbeldam en vierde zijn verjaardag dus op dezelfde dag als ik. Hij was één van de 11 kinderen van Hendrik Stam (1849-1934) en Hendrina in 't Veld (1861-1900). In mannelijke lijn stamt Leendert af van mijn voorouder Leendert Teunisse Stam (±1735-1811). Via zijn grootmoeder van moederszijde stamt Leendert af van mijn voorouder Genis Brand (1802-1844). Hij had ook een jongere broer genaamd Genis. Van Leendert's broers en zussen zijn er 5 jong gestorven. In 1909 was zijn oudere broer Hermanus de eerste die trouwde. Leendert Stam verhuisde naar Zwijndrecht en werkte daar als arbeider.

Leendert Stam trouwde (1) op 20-4-1911 in Zwijndrecht met Dientje Versluis. Zij is geboren op 10-8-1889 in Puttershoek als dochter van Pieter Versluis en Jenneke Elisabeth Koremans. Zij is overleden op 25-11-1918 in Zwijndrecht, slechts 29 jaar oud. Hun huwelijk had 7 jaar geduurd.

Leendert Stam trouwde (2) op 1-5-1919 in Dordrecht met Clasina Riet. Zijn vader, Hendrik Stam, was getuige bij en stemde in met dit huwelijk. Clasina is geboren op 26-2-1884 in Dordrecht als dochter van Thomas Riet en Hendrika Cornelia Kooij. Dit huwelijk lijkt al meteen ongelukkig te zijn geweest. Hun echtscheiding werd al op 7-1-1920 uitgesproken door de arrondissementsrechtbank te Dordrecht en geregistreerd op 16 februari. Clasina Riet is hertrouwd met Jan Marinus Klooté en kinderloos overleden op 5-9-1962 in Goes, waarna zij aldaar op de 8e werd begraven.

Leendert Stam trouwde (3) op 28-10-1920 in Zwijndrecht met Adriana de Jongh. Zij is geboren op 13-10-1886 in Zwijndrecht binnen 5 maanden na de huwelijksvoltrekking van haar wettige ouders Cornelis de Jongh en Dina van Gelderen (1862-1925). Adriana was weduwe van Willem van der Padt (1886-1919) met wie zij op 23-11-1911 in Zwijndrecht was getrouwd en enkele jonggestorven kinderen had gehad. Adriana de Jongh is overleden op 13-10-1933 in Zwijndrecht, 47 jaar oud. Dit huwelijk heeft bijna 13 jaar geduurd.

25 januari 2018

4x Van Ham te Dubbeldam

Op 21-5-1896 trouwden in Dubbeldam 2 paartjes waarvan zowel de bruidegom als de bruid de achternaam Van Ham had:
  1. Cornelis van Ham, geboren op 3-2-1873 in Dubbeldam als zoon van Pieter Cornelisse van Ham (1846-1932) en Barendje Remers (1848-1923), trouwde met
  2. Aaltje van Ham, geboren op 1-3-1876 in Dubbeldam als dochter van Leendert Teunisse van Ham (1837-1920) en Aaltje Spruit (1833-1897), en
  3. Pieter van Ham, geboren op 20-1-1871 in Dubbeldam als zoon van Leendert Teunisse van Ham (1837-1920) en Aaltje Spruit (1833-1897), trouwde met
  4. Wilhelmina van Ham, geboren op 6-12-1875 in Dubbeldam als dochter van Jacob Harmensz van Ham (1844-1915) en Lena de Bruijn (1838-1904).

De Tijd, 1 juni 1896

Het huwelijk van Pieter en Wilhelmina duurde nog geen jaar, want Pieter is op 30-3-1897 in Dubbeldam overleden. Wilhelmina is op 17-11-1898 in Dubbeldam hertrouwd met Arij Bothof (1868-1934) junior en had met hem o.a. drie dochters en een zoon die de volwassen leeftijd bereikten.


Uit het huwelijk van Cornelis en Aaltje van Ham zijn mij drie dochters bekend die de volwassen leeftijd bereikten: Barendje Aaltje, Aaltje Barendje en Pietje Leentje van Ham. Barendtje Aaltje trouwde in 1924 met Jan Cornelis Berrevoets uit Asperen en verhuisde met hem naar Paterson, New Jersey.


Alle Van Hams in dit verhaal stammen - net als ik - af van Harmen Jansz van Ham (±1745-1804).


De kerk van Dubbeldam

Bronnen: Delpher.nl, RegionaalArchiefDordrecht.nl, WieWasWie.nl.

9 september 2016

Willem Jacobsz van Beveren (1457-1505)

Mijn voorouders zijn meest arme arbeiders, waar weinig over bekend is. Via de Strijense familie Van Driel blijk ik echter ook af te stammen van de Dordrechtse regenten familie Van Beveren. Tot die familie behoorde Willem van Beveren Jacobsz. (1457-1505), zoon van Jacob van Beveren Willemsz. en Elisabeth Dirc Springer Goetsdr. Van hem bestaat zelfs een afbeelding!
Willem van Beveren Jacobsz.
(1457-1505)

Mr. Willem de Beveren werd in 1484 secretaris van de stad Dordrecht. Hij trouwde in 1485 met Maria (†1514), dochter van Nicolaas van Bakel, burgemeester van Dordrecht, en Geertruid Screvels de Jode. Zij woonden in "de Gans" tot 1498, toen Willem dit huis verkocht aan muntmeester Blasius Bouquet. Daarna woonden zij in het huis "den Ouden Beer" in de Wijnstraat in Dordrecht, dat zijn vrouw bij dode van haar moeder was aangekomen.

In juni 1500 werd Mr. Willem van Beveren beleend met het Schroot-Ambacht en de zoutmaat in Dordrecht na het overlijden van Zoete van Beveren, zijn nicht. Tevens werd hij toen beleend met een visserij, strekkend van Dordsmonde in de Dubbel tot die Wale, naast Dubbeldam en Puttershoek enerzijds en Zwijndrecht anderzijds, en tot Barendrecht, na het overlijden van een ander familielid. Na Willem's overlijden gingen beiden in 1506 over op zijn zoon Jakob (†1510). Het is echter zijn zoon Nicolaas (†1529) waar ik van afstam.

Zie: M. van Balen: Beschryvinge der stad Dordrecht, 1677; Ons Voorgeslacht 1946; De Nederlandsche Leeuw 1909.

1 juni 2016

Waar bleef Bastiaan Pieters Munter uit Dubbeldam?

Wanneer mensen verhuizen lijken ze vaak verdwenen of jong gestorven. Zo lieten mijn voorouders Pieter Bastiaans Munter en Teuntje Anthonissen Duijser op 9-9-1725 in Dubbeldam een zoon Bastiaan Pieters Munter dopen, waar ik verder nooit iets over tegen was gekomen.

Op de website marechausseesporen.nl vond ik een Jan Munter, die in de periode 1851-1873 bij de marechassee zat en op 27-5-1822 in Strijen werd geboren. Bij www.wiewaswie.nl bleek dat hij een zoon was van Hendrik Munter (1772-1836) en Pleuntje de Jong. Zijn grootouders worden daar genoemd als Bastiaan Munter en Josijna van Vliet. Bij de Families Of South-Holland CD (de "Klappers") vond ik dat dit echtpaar op 11-10-1772 in Klaaswaal hun zoon Hendrik liet dopen, die behalve voornoemde Teunis ook nog zonen Bastiaan en Jan en een dochter Josina had, vernoemd naar haar grootmoeder. Bovendien werd Bastiaan met het patroniem Pieters aangeduid en liet hij ook nog een dochter Teuntje dopen. Josijna's ouders bleken Hendrik Jochems van Vliet en Aagje Cleme van Es te zijn, die Josijna op 8-11-1733 in Klaaswaal lieten dopen.

Bij gahetna.nl zocht ik de in de "Klappers" genoemde trouwinschrijving op. Bastiaan bleek afkomstig te zijn uit Dubbeldam en weduwnaar van Sijtje Korendijker.

Bastiaan Munter hertrouwde op 5 Mei 1765 in Klaaswaal met Josijna van Vliet.

Een Bastiaan Pieters Munter, afkomstig uit Dubbeldam, met een dochter Teuntje, dat is dus de zoon van mijn voorouders Pieter Bastiaans Munter en Teuntje Anthonissen Duijser. Hij was dus van Dubbeldam naar de Hoeksche Waard verhuisd - aan de overzijde van de rivier de Kil.

28 februari 2016

Neeltje Hofman (1747-1817) werd krankzinnig


Den 21 Meij 1800 werd Neeltje Hofman, huisvrouw van Jacob van Rij, volgens appointement van de Kamer Judiceel wegens krankzinnigheid geconfineerd en voorts van tijd tot tijd gecontinueerd tot 21 meij 1806, en geplaatst in de 2e Classis van het Stads Krankzinnig en Beterhuis in Dordrecht. Neeltje's opname werd verlengd op 1-4-1806, 28-4-1808 en opnieuw in 1810 tot 21-5-1812. Neeltje is overleden op 21-8-1817, 70 jaar oud.

Neeltje Hofman is een dochter van Teunis Ariens Hofman en Adriana (Ariaantje Derks) van de Merwe. Zij is gedoopt op 30-7-1747 in Dordrecht. Neeltje was getrouwd met Jacob Jacobs van Rij, zoon van Jacob Jacobusse van Rij en Willemtje Arise Smits. Jacob jr. is gedoopt op 11-2-1753 in Dubbeldam. Jacob is overleden op 10-3-1832 in Dordrecht, ongeveer 80 jaar oud. 

Bronnen: RA-Dordrecht & E. van Dooremalen: Register van geconfineerden in het Stads Krankzinnig en Beterhuis binnen Dordregt voor wie kostgeld wordt betaald 1761-1804.

12 januari 2016

Simon Naaktgeboren is in 1719 op zee gebleven

Simon Naaktgeboren (1691-1719) voer uit voor de Kamer van Zeeland vanuit Rammekens aan de Westerschelde op 3-5-1718. Hij vertrok met het in 1712 gebouwde fluitschip "Strijkebolle" onder leiding van schipper Jacob Blauw. Als botteliersmaat assisteerde Simon de bottelier, die aan boord van een schip verantwoordelijk voor de inkoop van proviand en de rantsoenering daarvan.
Door storm, tegenwind of windstilte kon een reis veel langer duren dan gehoopt. Daarom werd er voedsel meegenomen dat gedurende lange tijd niet gevoelig was voor bederf, zoals scheepsbeschuit, spek, boter, olie, bier, in vaten gepekeld rundvlees en gedroogde granen en peulvruchten. 
Een Fluitschip
Gedurende de eerste 2 of 3 maanden van de reis liepen nieuwelingen vaak al schuurbuik en tering (tuberculose) op, waardoor ze rond liepen met bleke gezichten, blauwe lippen en gezwollen benen. Ook reumatische klachten kwamen veel voor door de koude en vochtige omgeving. Aan het begin van de 18e eeuw wist men nog niet dat de ziekte scheurbuik door een gebrek aan vitamine C kwam, maar dacht men dat het kwam door "onvoldoende lichaamsbeweging", "te zoute voeding" en/of "winterse koude" aan boord van een schip.
Het  fluitschip "Strijkebolle" deed Kaap de Goede Hoop aan van 24 augustus t/m 19 september en kwam op 26-11-1718 in Batavia in Indonesië aan. 

Op 7-7-1719 vertrok het in 1717 in Rotterdam gebouwde fluitschip "Slot van Kapelle" vanuit Batavia. Het schip verdween in een storm op 14-8-1719 in het Nauw van Formosa bij Taiwan. Twee begeleidende schepen, de Catharina en de Meeroog, verdwenen eveneens in de golven. Zo is Simon Naaktgeboren op zee "gebleven".