In 1832 in Dordrecht was sprake van Arend Warbie, 35 jaar oud, ongehuwd, wonend in de Marienbornstraat. Hij was vrijgesteld van de landstorm wegens een “beengebrek”. De landstorm was een leger van bewapende burgers, opgericht in 1813 ter ondersteuning van het reguliere leger. Alle weerbare mannen tussen de 17 en 50 jaar oud dienden zich te organiseren in bataljons ter verdediging van de eigen omgeving. Er werd geen uniform voorgeschreven, maar iedereen diende een groene tak met bladeren op de hoed te dragen ter herkenning.
Arend Warbie is gedoopt op 6 augustus 1797 in Dordrecht als zoon van Anthonij Nijsse Warbie (1770-1816) en Pieternella Arents van Son (1770-1838). Arend's jongste zus Geertrui Warbie bereikte ook de volwassen leeftijd, maar diverse andere kinderen uit dit gezin zijn jong overleden.
Als volwassene had Arend een lengte van 1 el en 6 palm. Deze beschrijving is opgemaakt in 1838, wat betekent dat Arend 1,60 m. lang was. Zijn aangezicht was ovaal, zijn voorhoofd hoog en zijn kind rond. Arend's ogen, wenkbrauwen en haar waren bruin. Arend werd vrijgesteld van de national militie “uit hoofde van kreupel te zijn”. Hij had dus moeite met lopen.
![]() |
| Een deel van het Nationale Militie Certificaat van Arend Warbie waarop hij wordt beschreven als kreupel. |
Pas op 40-jarige leeftijd op 14 februari 1838 in Dordrecht is Arend Warbie getrouwd. Zijn bruid was de 13-jaar-jongere Maria Andrée. Zij is gedoopt in Dordrecht op 10 oktober 1818 als dochter van Maria Gregoor (†1830) en Pieter Andrée (†1844). Maria Andrée was 3 jaar voor haar huwelijk - op 1 januari 1835 - bevallen van een dochter Frederika Matje Andrée.







