Posts tonen met het label 17e eeuw. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 17e eeuw. Alle posts tonen

15 mei 2026

Kort Huwelijk - Arien Teunisz Trompert en Cuijndertge Huijberts

Mijn voorvader Arien Teunisz. Trompert is gedoopt in Ottoland op 18 december 1644 met getuigen Leendert Ariens, Sijmon Goverts en Adriaentge Adriaens. Zijn ouders zijn Theunis Willemsz. Trompert en Marrigje Adriaens die in Ottoland zijn getrouwd op 29 oktober 1634. Arien had zussen genaamd Annichie, Marrigje, Neeltje, Stijntje en Trijntje en broers Willem en Theunis.

Arien trouwde - waarschijnlijk omstreeks 1670 - met Cundertje Huijgen Barendsdr. Deze Cundertje was geboren te Giessen-Oudekerk als dochter van Huijbert Barentsz. (±1605-±1668) en zijn vrouw Neeltje Cornelisse van de Giessen. Zij zijn dubbele voorouders, want ook van hun dochter Dirckje Huijberts stam ik af.

Arien Teunisz. Trompert is op 27-jarige leeftijd overleden in het jaar 1672. Zijn weduwe Cundertje Huijberts liet op 12 oktober 1672 in Giessen-Nieuwkerk een postume dochter Adriana dopen, die is vernoemd naar haar overleden vader. De getuigen bij Adriana's doop waren Willem Theunis en Stijntjen Theunis, een broer en zus van Arien, en bovengenoemde Dirckje Huijberts.

Cundertje Huijberts liet haar postume dochter Adriaentje dopen op 12-10-1672 in Giessen-Nieuwkerk

Cundertje Huijgen Barendsdr. is hertrouwd met Paulus Jansz. Sterrenburg. Hij is gedoopt in Ottoland op 24 juli 1645 met getuigen Jacob Jansz., Schalck Jansz. en Ariaentje Jans. Paulus' ouders zijn Jan Paulusz Sterrenburg en zijn vrouw Geertruij Adriaens (±1610-1706). Met Paulus Sterrenburg kreeg Cundertje nog 4 kinderen.

20 maart 2026

Kort Huwelijk - Marijgien Rietveldt en Cornelis Chiele Bestebreur (1642-1704)

Mijn stamgrootvader Cornelis Chiele Bestebreur - ook “Jongebestebreur” genoemd - werd gedoopt op 17 december 1642 in Puttershoek met als getuige “Lijsbeth, huisvrouw van Claes Jans”. Cornelis is een zoon van schipper Michiel Bestebreur uit de Sint Anthoniepolder en diens eerste vrouw Grietie Heijndrickx, weduwe van Jan Cornelisz. Vredenburgh.

Cornelis Chiele Jonge Bestebreur was jongeman van Puttershoek toen hij in Barendrecht op 12 maart 1662 trouwde met Marijgien Arijensdr. Riedtveldt, jongedochter van Benschop in de provincie Utrecht. Haar ouders zijn Arie Gerritsz. Rietvelt en Maria Jacobs Maijen, wier jongste dochter Neeltje op 28 maart 1660 in Barendrecht is gedoopt.
Cornelis en Marijgie kregen een zoon Cornelis jr. die werd gedoopt op 14 maart 1663 in Puttershoek met doopgetuigen Cemp Jacobsz, Simon Cornelisz, Aegie Cornelis en Helena Theunisz. Marijgien Arijens Rietveldt overleed in het kraambed. Haar huwelijk heeft maar iets meer dan een jaar geduurd.

Cornelis bleef niet lang weduwnaar, want reeds op 12 juli 1663 ging hij in ondertrouw met Francijntje Franssen uit de Klundert, die toen in Dordrecht woonde. Zij trouwden in Puttershoek op 5 augustus 1663. Met Francijntje kreeg Cornelis nog 6 kinderen: Margriet, Hadewij (2x), Frans (2x) en Giel, die allen werden gedoopt op Maasdam. Bij de doop aldaar van zoon Giel op 12 oktober 1670 was de getuige mijn stammoeder Catharijntje Cornelis Polderdijk (±1645-1716).

Cornelis Chiele Bestebreur werd in 1672 op belijdenis lidmaat te Maasdam. Hij was schepen van Maasdam in 1674-75. Op 15 oktober 1680 legde Cornelis een getuigenis af over de op die dag door de wieken van de Puttershoekse korenmolen dodelijk verongelukte, Maasdamse timmerman Johannis Huijbertse.
Cornelis' tweede vrouw, Francijntje Franssen, is overleden in 1694 na een huwelijk van ongeveer 30 jaar. Bij Francijntje's overlijden waren i.e.g. haar dochters Margriet (1664-1701) en Hadewij nog in leven.
Op 1 augustus 1694 werd voor de herberg van Cornelis Chiele Bestebreur op de dijk in Maasdam Jan van der Plas verwond door Heijndrick den Tuijnman en op 3 augustus kwam de schout van Maasdam met 2 schepenen ten huize van Cornelis om de kwetsuren te aanschouwen en verhoor af te nemen.
Op 27 november 1694 kwam de ca. 70-jarige Reijnsburgh Gilles Vinck de dijk in Maasdam af lopen op de stoep achter het huis van Cornelis, toen zij lelijk werd gebeten door de hond van Leendert Vassen. Op haar hulpgeroep kwamen o.a. Cornelis en zijn dochter Margriet af.
De ziek te bed liggende Cornelis Giele Bestenbreur maakte op 24 januari 1700 zijn testament, waarbij hij zijn 2 meerderjarige dochters Margrieta en Hadewij tot universele erfgenamen benoemde - onder voorwaarde dat zij aan hun halfbroer Cornelis Cornelisz Bestenbreur 70 gld. zouden uitreiken in plaats van zijn legitieme portie.

Maasdam

Op 20 november 1701 in Maasdam is Cornelis Chiele Bestebreur opnieuw getrouwd. Zijn derde vrouw was Neeltje Heijndrikx Castelijn, die weduwe was van Jacob Heijmansen Capitein (±1630-1695), wiens derde vrouw zij was geweest. Neeltje had i.e.g. een dochter Stijntje Jacobs Capteijn, die was vernoemd naar Neeltje's moeder Stijntge Cornelisse Sneuckelaer (±1603-1644). Ook had Neeltje een buitenechtelijke dochter die door het leven ging als Cornelia Aerts Coijman.
Cornelis Chiele Bestebeur werd 61 jaar oud en is overleden op 19 september 1704. Hij werd begraven op de 24e in Maasdam. Hij werd overleefd door zijn oudste zoon Cornelis en zijn jongste dochter Hadewij. Cornelis' weduwe, Neeltjen Hendrix Castelijn is overleden op 24 oktober 1709 en begraven op de 27e in Maasdam.
Cornelis' zoon Cornelis Cornelisse Bestebreur werd er in 1686 door Bastiaentje Staessen van beschuldigd de vader van haar dochter Cornelia te zijn. Cornelis trouwde echter op 4 mei 1687 in de Sint Anthoniepolder met Neeltje Ariense Polderdijk (1665-1717) en kreeg met haar 9 kinderen, waaronder een zoon Frans die werkzaam was als schipper.

Bronnen: Transcr. Trouwboeken Puttershoek en Maasdam; Transcr. Lidmatenlijst Maasdam; Slijkerman, Ons Voorgeslacht, 2008, blz. 316; T. v.d. Vorm, Ons Voorgeslacht, 2020, blz. 586; T. Oskam, Utrechtse Parentelen 1, VI-5, blz. 209-2010.

8 januari 2026

Stuurman Gijsbrecht Maartens Welgevaren (1648-1706)

Margareta (“Grietje”) Boudewijns Roos, huisvrouw van Gijsbrecht Maartens Welgevaren, wonend aan de Oude Delft in Delft, werd op 10 januari 1699 in Delft begraven. Zij liet 2 minderjarige kinderen na. Hun zoon Boudewijn was in Delft gedoopt op 22 november 1695 met getuige Jakoba van Leeuwen. Ook hadden zij een dochter Maria. Op 28 maart 1692 in Delft was ook nog een “baarkind” van Gijsbert begraven. Ook was er een kind geweest dat op 24 november 1682 in Rotterdam was gedoopt met de naam Maartie en getuigen Stintie Maertens Welgevaren en Elisabeth Pieters. Gijsbrecht Welgevaren was vervolgens op 2 mei 1689 van Rotterdam naar Delft verhuisd.
Oudoom Jacobus van Leeuwen, wonend te Katwijk aan de Rijn, werd aangesteld als voogd van moeder's zijde over Gijsbrecht's 2 nagelaten kinderen.

Onderaan de ondertrouw inschrijving van Gijsbrecht Welgevaren en Appollonia Bruijnswijk

Op 21 november 1699 in Delft is Gijsbrecht Welgevaren hertrouwd met Apolonia (“Pleuntje”) Bruijnswijck, j.d. van Katwijk aan de Rijn, laatst gewoond hebbende in Delft. Zij lieten in Delft op 24 maart 1701 een zoon Maarten dopen met getuigen Pieter Marcusz. Clant en Maria van Bruijnswijk. In april 1701 had Pleuntje Bruijnswijck koorts, maar zij is daarvan hersteld.

Stuurman Gijsbert Maertensz. Welgevaren was in Rotterdam gedoopt op 3 februari 1648 als zoon van Maerten Andries Welgevare en Maertge Gijsbers met doopgetuige Susanna Gelles. Maerten Andriesz Welgevaren werd op 16 januari 1657 in Rotterdam vermeld als zijnde 40 jaar oud en werkzaam als commandeur. Hij was toen recent teruggekeerd van een reis naar Groenland “op de walvisvangst”.

Soldij van schipper Gijsbrecht Maartens Welgevaren

Gijsbrecht Welgevaren vertrok op 13 april 1704 als schipper op het schip “Voorschoten” naar Azië. Zij deden Kaap de Goede Hoop aan van 27 augustus t/m 26 september 1701. Op 8 januar 1702 arriveerden zij in Batavia – tegenwoordig Jakarta in Indonesië. Gijsbrecht testeerde op 26 maart 1706 te Hougly in Bengalen in de omgeving van het huidige Bangladesh. Vervolgens Gijsbrecht hij aldaar overleden op 8 juni 1706.
Op 18 februari 1708 werd betaald “op speciale ordre van de Heeren” van de betreffende Kamer van de Vereenigde Oostindische Compagnie (V.O.C) aan Pleuntje Jans van Bronswijck, weduwe van Gijsbrecht Maartens Welgevaren, en zijn 3 kinderen, elk voor ¼ part, tezamen de somma van ƒ2.247.13.8.

10 november 2025

De vrouw van Leendert Pietersz Koutijser in 17e-eeuws Middelharnis

Zelf het ik geen voorouders op Goeree-Overflakkee, maar ik heb wel 2 aangetrouwde families met voorouders daar en daarom hou ik me daar ook weleens mee bezig. Over voorouders op dat eiland hebben Leo Akershoek en Cor Koene veel op Internet gepubliceerd, inclusief transcripties van DTB boeken, wat het zoeken daar een stuk eenvoudiger heeft gemaakt. Dankzij die gegevens ben ik echter wel tot de conclusie gekomen dat de verschillende vrouwen, die Leendert Pietersz. Koutijser krijgt toebedeeld op Internet*, mijns inziens niet de juiste zijn.

Middelharnis

Mijn interpretatie

Leendert Pietersz. Koutijser is gedoopt in Middelharnis op 16 september 1635 als zoon van Pieter Cornelisz. Koutijser.
Ik ben van mening dat Leendert rond 1660 is getrouwd met Leentje Leenderts. Leendert liet een dochter Maatje dopen op 2 juni 1662 in Middelharnis. Ook had hij zonen Pieter (vernoemd naar zijn vader) en Leendert (vernoemd naar haar vader).
Volgens Koene zou Leendert in Middelharnis rond 28 september 1674 zijn begraven. Dat kan goed, want Leentje Leenderts, weduwe van Leendert Pietersz, is op 7 mei 1679 in Middelharnis hertrouwd met Gerrit Pietersz van den Toll. Deze Gerrit was in Middelharnis op 18 september 1695 getuige bij de doop van Lena, een dochter van zijn stiefdochter Maatje Leenderts.
Gerrit Pietersz van den Toll, weduwnaar van Leentje Leenderts, is op 24 november 1678 in Sommelsdijk hertrouwd met Pleuntje Govers van der Made, laatst weduwe van Laurens Mareschal en daarvoor van Eduard Jacobsz.

Leentje Leenderts, weduwe van Leendert Pietersz, is hertrouwd met Gerrit Pietersz van den Toll

De kinderen

Maatje Leenderts, de op 2 juni 1662 in Middelharnis gedoopte dochter van Leendert Pietersz Koutijser, ging op 27 maart 1683 in Middelharnis in ondertrouw met Jan Maartens Abeele. Hij is gedoopt in Middelharnis op 1 februari 1660 als zoon van Maerten Claes Abeele en Magdaleentie Hendrix.
Maatje Leenderts en Jan Abeele lieten in de periode 1684-1706 samen 9 kinderen dopen met de namen Maarten, Leendert, Magdaleentje, Pieter, Lena, Pietertje (2x), Marie en Willem. Bij de doop van de jongste Pietertje op 27 juni 1700 in Middelharnis was de doopgetuige Pietertje Cornelis Koningh, de vrouw van Maartje's broer Pieter Leendertsz. Koutijser.

Pieter Leendertsz Koutijser en Pietertje Pieters Koningh trouwden op 1 juni 1698 in Middelharnis. Aldaar lieten zij op 1 maart 1699 een dochter Hilletje dopen met getuige Leentje Cornelis Koningh. Zij kan zijn vernoemd naar Hilletje Jans, de vrouw van Cornelis Koningh.

De Koutijser drieling werd gedoopt op 23-6-1702 in Middelharnis

Leendert Leendertz Koutijser trouwde op 22 mei 1688 met Martijntie Pleunis Voorwel. In de periode 1689-1710 kregen zij in Middelharnis waarschijnlijk 13 kinderen, waaronder een drieling. Op 23 juni 1702 in Middelharnis werden "drie kinderen gedoopt van Leendert Leendertz Koutijser en Martijntje Pleunis, het eene Jacob, het andere Lea, het derde Rachel. Getuijgen Maria Pool, Cornelia van Goudswaert en Soetje Magerus, idem de magistraet en kerkenraet alhier". Andere kinderen van dit echtpaar heetten o.a. Lena, Leendert, Pleunis, Clijntje, Aeghje en Simon. Bij de dopen van Clijntje en Simon was Neeltje Leenderts Bosschieter doopgetuige en zij is de vrouw van Sijmen Pleunisz. Voorwel. Jannetje Pleunis Voorwel en haar tweede man Marinus Gerritsz Danser waren getuige bij de doop van Aeghje.
Van de kant van Leendert Koutijser was Maatje Leenderts op 14 augustus 1701 in Middelharnis getuige bij de doop van zijn (jongere) dochter Lena.

26 februari 2025

Kort Huwelijk - Lijsbeth Deckers (1661-1702) en Antonis van Pas (1659-1691)

Mijn stamvader Antonis van Pas werd gedoopt op 25 december 1659 in 's-Grevelduin-Capelle (NB) als oudste van 9 kinderen van Jan Antonisse van Pas (±1630-1707) en Maria Willems Brock (1636-1702).
Op 29-jarige leeftijd op 19 februari 1689 in 's-Grevelduin-Capelle trouwde Antonis van Pas met de 28-jarige Lijsbeth Deckers. Zij is gedoopt op 30 januari 1661 in 's-Grevelduin-Capelle als dochter van Adriaen Decker (1621-1703) en zijn vrouw Peterke Claessen Trip (1633-1702), die woonden aan de Hogevaart.
Het eerste kind van Antonis van Pas en Lijsbet Deckers, Adriaan, werd gedoopt op 19 februari 1690 in 's-Grevelduin-Capelle. Ergens in het volgende jaar, 1691, is Antonis van Pas overleden, want zijn weduwe liet op 15 september 1691 een naar hem vernoemde, postume zoon Antonius dopen. Lijsbet's eerste huwelijk met Antonis heeft slechts ongeveer twee jaar geduurd.
Op 2-1-1693 compareerde Lijsbet Ariensen Deckers, weduwe van Anthonij Janss van Pas, ende heeft aengenomen van Jan Teunisen van Pas, als grootvader, ende Adriaen Adriaens Deckers, als oom, haer twee kinderen Arien ende Anthonij, bij Anthonis.

Een postume zoon van Anthonis van Pas werd gedoopt op 16 september 1691 in 's-Grevelduin-Capelle

Lijsbeth Deckers is op 10 januari 1694 hertrouwd met de anderhalf-jaar-jongere Ariaen (“Arien”) Snijder. Hij is gedoopt op 10 september 1662 in 's-Grevelduin-Capelle als zoon van mijn dubbele voorvader Geerit Jansen Snijder en diens eerste vrouw Joostken Ariens Smits. Joostken is rond 1669 overleden, waarna haar weduwnaar in 1670 hertrouwde met mijn stammoeder Jenneke Jacobs (de) Looper. Arien is dus - net als Lijsbeth - deels opgevoed door een stiefmoeder.
Met Arien Snijder kreeg Lijsbeth Deckers nog 4 kinderen. De oudste, Gerrit Snijder, werd gedoopt op 19 september 1794 en was begin 1703 nog in leven. In 1696 werd een zoontje Claas geboren, terwijl haar 5-jarige zoontje Antonius - uit haar eerste huwelijk - later dat jaar overleed. De tweeling Josijntje en Arie, die werden gedoopt op 8 augustus 1700. Het overlijden of begraven van Lijsbeth Deckers is geregistreerd op 29 oktober 1702. Zij is 41 jaar oud geworden.

's-Grevelduin-Capelle, 3-3-1703: Erffdeelinge van soodanige meubeltjens aff gedeelt bij Jan van Pas, als voogt van Arien Teuniss van Pas, ende Adriaen Deckers, als voogt van Gerrit Ariens Snijders, kinderen van Lijsbeth Deckers, affgedeelt van Arie Geritss Snijder, weduwenaer van Lijsbet voorn.

Michiel van Saacken, echtgenoot van Geertruijd Deckers, deed op 17 mei 1703 in 's-Grevelduin-Capelle aangifte van het lijk van zijn zwager Arien, de weduwnaar van Lijsbeth. Voor het begraven van hun zoontje, de 10-jarige Geerit Ariens Snijder, werd aldaar op 6 mei 1705 f6 betaald, omdat hij nooit getrouwd was geweest. Het enige kind van Lijsbeth Dekkers, dat de volwassen leeftijd heeft bereikt, is mijn oudbetovergrootvader Adriaan (“Arie”) van Pas (1690-1729). Arie trouwde in 1715 met Johanna Konings (1690-1729) en van hun 5 kinderen zouden er 4 de volwassen leeftijd bereiken.

Bronnen: Salha.nl, BHIC.nl, FamilySearch.org, Transcripties van de huwelijken van Sprang en Capelle van A.C.M. Gouverneur, Gen. Tijdschr. voor Midden- en West-Brabant 1982, 1985, 1987, 1998 en 2001, De Brabantse Leeuw 1998.

7 januari 2025

De ouders van Simon Simons Geus (1686-1739) in Den Bommel

Simon Simons Geus was 3 keer getrouwd en liet kinderen dopen in Den Bommel. Hij is een voorouder van mijn aangetrouwde oom Aren Looij (1922-1993). Het speuren naar diens voorouders op Flakkee is in recente jaren een stuk eenvoudiger geworden door de DTB transcripties van Cor Koene.
Zo vond ik dat Simon is gedoopt op 2-6-1686 in Den Bommel als zoon van Zimon Joostze Geus en Maetje Simons Arckenbout, dochter van Sijmon Adriaensz Arckenbout, herbergier te Klaaswaal, en  diens eerste vrouw Barbara Jacobs. De getuigen bij Simon's doop zijn Jacob Meeuwisz van der Veer en zijn vrouw Cornelia Sijmons Erkeboudt, de zus van Maetje.
Het viel me echter op dat op verschillende websites op Internet andere ouders voor Sijmon worden vermeld, die mijns inziens fout zijn. Hopelijk kan deze blog post je ervan overtuigen dat Zimon Joostze en Maetje Simons de juiste ouders zijn.

Huwelijksinschrijving in Den Bommel van Simon Geus en Geertrui Cotvis

Simon Simons trouwde zijn eerste vrouw, Geertrui Willems Cotvis, op 20 mei 1714 in Den Bommel na een ondertrouw aldaar op de 4e. De bruid en bruidegom woonden beiden in Den Bommel. Geertrui had een zus Lea Willems Cotvis die getuige was bij de doop van Geertrui's zoon Johannes in 1716. Lea werd in 1718 in Den Bommel tot lidmaat aangenomen en trouwde in 1720 met George (“Jurij”) Pringel. Geertrui Cotvis was op 8 april 1716 in Den Bommel tot lidmaat aangenomen.
Simon Simons en Geertrui Cotvis lieten in Den Bommel op 12 december 1714 een zoon Simon jr. dopen met als getuigen Jan Gerritse Backer en Aeltje Sijmons Geus. Deze Aeltje is de jongere zus van Simon Simons Geus en werd gedoopt in Den Bommel op 12 april 1693 met getuigen Daniel Leendertsz. Prins en (zijn vrouw) Maatje (Jooste) Geus.
De tweede zoon van Simons Simons en Geertrui werd gedoopt op 4 oktober 1716 in Den Bommel en kreeg de naam Johannes. De doopgetuigen waren Cornelis de Bondt en Lea Cotvis, Geertrui's zus.
Op 18 januari 1718 in Den Bommel werd de derde zoon van Simon Simons en Geertrui gedoopt met de naam Joost en getuigen Joost Danielse Prins en Matje Willems Speck. Geertrui is overleden tussen de geboorte van Joost en het hertrouwen van haar weduwnaar.

Simon Geus, weduwnaar van Geertrui Cotvis, ging in Den Bommel in ondertrouw op 12 april 1720 met Matje Willems van der Willige, die eveneens op Den Bommel woonde. Een dag later gingen zij ook in ondertrouw te Stad aan't Haringvliet. Dit huwelijk heeft maar kort geduurd.

Simon Geus, weduwnaar van Matje Willems van der Willige, ging op 4 juni 1722 in ondertrouw met Anna Jans van Manen, die afkomstig was uit Mülheim in Duitsland. Zij woonde in Den Bommel, waar zij in 1706 tot lidmaat was aangenomen. Anna was weduwe van Teunis Leendertse Mosselman met wie zij was getrouwd met kerst 1712. Teunis was toen al weduwnaar van Jannetje Ariens Gelegout. Met Teunis Mosselman heeft Anna kinderen laten dopen in Den Bommel genaamd Catharina (2x), Lena, Jan, Leendert en Jannetje, waarbij de laatste twee een tweeling waren.
Anna van Manen en Simon Simons Geus lieten samen nog een dochter Matje dopen op 18 april 1723 in Den Bommel. De doopgetuigen waren Gijsbert Claasse van Meeteren en opnieuw Aaltje Sijmons Geus. Maatje is vernoemd naar Simon's moeder Maetje Simons Arckenbout.

21 juli 2024

Van Smit via Timmerman naar Van Sorgen

Omdat ik 3 aangetrouwde familieleden heb met voorouders op Tholen en het een relatief klein eiland is met veel beschikbare transcripties en extracten van de DTB-boeken, besloot ik onlangs om daar ook eens naar te kijken. Zo bleek wijlen mijn aangetrouwde oom Jan de Rijke (1920-2009) overwegend voorouders op Tholen te hebben - waarbij regelmatig dubbele voorouders opdoken.

Onder de voorouders van die oom bevinden zich ook de broers Jan Marinusse van Sorgen en Cornelis Marinusse van Sorgen, beiden afkomstig van Stavenisse.
Jan Marinusse Timmerman trouwde in Stavenisse op 4 mei 1698 met Rachel Jacobse van Rossum. Rachel Jacobus en “Jan Mar. van Sorge” lieten daar in Stavenisse op 21-1-1703 een eerste zoon Cornelis dopen. Bij de eerdere twee dopen van kinderen dit echtpaar, die van de zonen Marinus en Jacobus, werd de vader vermeld met de achternaam Timmerman.
Rachel Jacobse van Rossum, weduwe van Jan Marinusse van Sorgen, ging op 14-2-1772 in Stavenisse in ondertrouw met Jacob Abrahams Uijl, weduwnaar van Jakomientje van Noorden. Jan Marinusse Timmerman was dus inderdaad dezelfde persoon als Jan Marinusse van Sorgen.

Jan en Cornelis van Sorgen alias Timmerman hadden beiden een dochter Helena. Verder was er een Jannetien Marijnisse Timmerman, die 2 maal trouwde en ook een dochter Lena had, die werd gedoopt in Stavenisse op 31-10-1694 met getuige Leentie Cornelisse Colree. Leentje Cornelis en Jan Soetemans, man en vrouw, waren op 24-12-1703 in Stavenisse ook getuige bij de doop van Marinus, een zoon van Jannetien.
Toen Leentje Cornelisse Colree in Stavenisse op 6-9-1699 in ondertrouw ging met Jan Willemse Soeteman, was zij weduwe van Marinus Janssen Timmerman en woonde zij in Stavenisse. Zij was eerder op 29-6-1663 in Oosterland in ondertrouw gegaan met Marinus Jansen Smit, jongeman van Nieuwe Tonge. Dit echtpaar laat in Stavenisse een dochter Jannetien dopen op 8-8-1666, een zoon Jan op 21-10-1674 en een zoon Cornelis op 9-1-1684. Ook hadden zij nog een dochter Maria (“Maetje”) van Sorgen, die op 18-8-1702 in Stavenisse trouwde met Urbanus Bresijn en o.a. een dochter Lena en een zoon Marinus liet dopen. Bij de doop van de laatste, op 26-8-1708 in Stavenisse, waren de getuigen Johannes Marinusse van Sorgen en Rachel, zijn huisvrouw. De laatste is natuurlijk bovengenoemde Rachel Jacobse van Rossum.

27 juni 2024

Kort Huwelijk - Marike van Tilborgh (1677-1742) en Meerten de Leeuw

Marike van Tilborgh is gedoopt op 3 maart 1677 in 's-Grevelduin Capelle als één van de zes dochters van Cornelis Adriaense van Tilborgh en Teuntje Peters Timmer. De verdeling van de erfenis van dat echtpaar vond plaats op 24-10-1699, dus toen waren beiden inmiddels overleden.

Marike trouwde met haar eerste man, Jan Janse Boudewijns, in 's-Grevelduin-Capelle op 5 februari 1696 na een aangifte door Jan op 14 januari in de classis van ƒ3 en na "vertooninge des quirantie van voldoeninge aen 't Lant". Bij bovengenoemde erfdeling van zijn schoonouders trad Jan op namens zijn vrouw. Op 24 juni 1702 betaalde zijn weduwe ƒ3 voor zijn begrafenis.

Maria van Tilborgh, weduwe van Jan Boudewijns, betaalde ƒ3 in Capelle om te trouwen met Meerten Jans de Leeuw

Nog in datzelfde jaar, op 17 november 1702 gaf Marike van Tilburg, weduwe van Jan Boudewijns, zich aan om te trouwen met Martinus ("Meerten") de Leeuw, jongeman geboren en wonend in de Vrijhoeven. Zij trouwden op 3 december 1702 in 's-Grevelduin-Capelle. Meerten was aldaar gedoopt op 23 december 1674 als jongste zoon uit het eerste huwelijk van Jan Peterse de Oude de Leeuw en diens eerste vrouw Catelijn Peeter Mertens van den Hoeven. Op 25 april 1676 is Jan hertrouwd met Anneken Adriaens van Campen, die daarmee Meerten's stiefmoeder werd.

Meerten de Leeuw en Marike van Tilborgh lieten op 24 maart 1704 in 's-Grevelduin-Capelle een dochter Catharina ("Caatje") dopen. Op 12 februari 1706 in 's-Grevelduin-Capelle betaalde Maria van Tilburg ƒ3 voor het recht van het begraven van haar man Meerten de Leeuw. Hun huwelijk had net 3 jaar geduurd.
Marike van Tilborgh bleef zwanger achter en beviel van een postuum zoontje dat in 's-Grevelduin-Capelle op 23 juni 1706 werd gedoopt met de naam Martinus, net als wijlen zijn vader. Op 12 oktober van dat jaar betaalde Marike ƒ6 voor het begraven van haar zoontje.

11 augustus 2023

Dubbele afstamming van Claes Claesz de Oude Hillenaar in Wassenaar

Claes Claesz de Oude Hillenaar en zijn vrouw Annitgen Sijmonsdr. zijn dubbele voorouders van mijn neefjes via hun zoons Claes en Cornelis. Claes was was kerkmeester in Wassenaar en leenman van Raephorst.
Op 6-11-1631 werd Claes' erfenis verdeeld door zijn kinderen Claas, Pieter, Jacob, Engel, Cornelis en Pieter Arijenszn. Langeveld, als man en voogd van Barbertje Claasdr., en Jan Claaszn. van Teijdingerbroek, als testamentaire voogd van Simon Claaszn. en Trijntje Claasdr., de minderjarige kinderen.

Claes Claesz de Oude Hillenaar is begraven rond 6-10-1627 in Wassenaar.
Claes trouwde op 9-7-1595 in Wassenaar met
Annitgen Sijmonsdr.. Zij is overleden vóór 1632.
Zij hadden o.a. zonen Claes en Cornelis.
Claes Claesz de Jonge Hillenaar is begraven rond 11-9-1669 in Wassenaar. Claes trouwde op 24-5-1622 in Wassenaar met
Annetge Dirks. Zij is is geboren omstreeks 1600 als dochter van Dirck Maertensz en Annetgen Gerrits. Annetge is begraven rond 15-10-1647 in Wassenaar.
Zij hadden o.a. een dochter Maertie.
Cornelis Claesz Hillenaar trouwde eerst op 27-4-1636 in Wassenaar met Marijtgen Cornelis ("Marijtgen De Oude") van Rijn, die is begraven rond 23-1-1646 in Wassenaar. Cornelis is hertrouwd op 13-9-1654 in Wassenaar met
Neeltgen Jacobs van Leeuwen. Zij is begraven rond 25-4-1685 in Wassenaar.
Uit zijn tweede huwelijk had Cornelis een zoon Jacob.
Maertge Claes Hillenaar is geboren omstreeks 1625 en in Wassenaar begraven rond 10-11-1679. Maertge trouwde op 23-4-1651 in Wassenaar met
Cors Ariens Sandtvliedt alias Keijser. Cors is begraven rond 17-12-1679 in Wassenaar.
Zij zijn de ouders van o.a. Anna.
Anna Corse van Sandtvliedt zal zijn geboren rond 1665, want haar jongste zoon werd eind 1703 gedoopt. Anna is overleden rond 22-9-1737 in Wassenaar. Anna trouwde op 5-5-1686 in Wassenaar met
Bart Crijne Remmerswaal. Hij is gedoopt op 19-11-1659 in Wassenaar als zoon van Crijn Arij Crijnen Remmerswaal en Hendrickie Barten. Bart is overleden rond 27-11-1749 in Wassenaar.
Zij hadden o.a. een zoon Cors.
Jacob Cornelisse Hillenaar is gedoopt op 3-12-1654 in Wassenaar. Jacob is overleden rond 4-3-1724 in Zoeterwoude, 69 jaar oud. Jacob trouwde op 8-5-1678 in Voorschoten met
Machteld Leenderts van Swieten. Zij is geboren omstreeks 1660 en overleden rond 23-2-1732 in Zoeterwoude.
Zij hadden o.a. een dochter Sijmetje.
Cors Barte Remmerswaal is gedoopt op 19-10-1691 in Wassenaar. Cors is aldaar overleden rond 6-4-1767. Cors trouwde op 27-6-1713 in Wassenaar met
Huijbertie Andriese Hoogduijn. Zij is gedoopt op 1-11-1693 in Wassenaar als dochter van Andries Pieterse Hoogduijn en Achie Pieters de Haes.
Zij zijn de ouders van o.a. Seijtje.
Sijmetje Jacobs Hillenaar is gedoopt op 28-10-1698 in Zoeterwoude. Zij is in Zoeterwoude getrouwd op 5-5-1721 met
Leendert Gerritsze van der Klugt. Hij is gedoopt op 5-11-1696 in Voorschoten.
Zij hadden o.a. een zoon Jacob.
Seijtje Corse Remmerswaal is gedoopt op 22-2-1722 in Wassenaar en aldaar overleden rond 15-4-1753, 31 jaar oud. Seijtje trouwde op 6-5-1747 in Wassenaar met
Jan Pieterse Berkhout. Jan is gedoopt op 20-12-1720 in Wassenaar. Hij is aldaar overleden rond 30-1-1759.
Zij hadden o.a. een zoon Cors.
Jacob (Japik Leendersze) van der Klugt is gedoopt op 1-5-1725 in Zoeterwoude. Japik werd vergezeld door zijn vader toen hij in Zoeterwoude in ondertrouw ging op 3-6-1745 met
Cornelia van der Post. Zij is gedoopt op 20-6-1724 in Stompwijk.
Zij hadden o.a. een dochter Maria.
Cors Jans Berkhout is gedoopt op 28-3-1751 in Wassenaar. Cors is aldaar overleden op 9-9-1832. Cors trouwde op 23-1-1779 in Wassenaar met


x


Maria van der Klugt. Zij is gedoopt op 18-6-1750 in Stompwijk.
Zij zijn de ouders van o.a. Cornelia.
Cornelia Berkhout is gedoopt op 17-7-1784 in Wassenaar. Zij is op 64-jarige leeftijd overleden in Voorschoten op 21-4-1850. Zij trouwde op 4-5-1806 in Voorschoten met
Martinus (Maarten) Oosterbeek. Hij is gedoopt in Voorschoten op 3-9-1825 met als getuigen Klaas Oosterbeek en zijn vrouw Alida de Kock. Maarten is overleden op 3-9-1825 in Voorschoten, 40 jaar oud.

De omgeving van Wassenaar rond 1746

30 mei 2023

Voorouders van Huijbert Dirks van der Steen (1681-1745) uit Den Dungen [1]

Bij het reconstrueren van de voorouders van Huijbert van der Steen uit Den Dungen waren de transcripties van een aantal akten bij het BHIC cruciaal. Vooral de verdeling van de erfenis van Mariken, dochter van Mattijs Meussen, en haar man Jan Jans van den Oetelaar was een opsomming van vele familieleden.
Het dorp Den Dungen, waar Huijbert woonde, is gelegen ten noorden van Maaskantje in de Meierij van 's-Hertogenbosch.

Hubertus - Huijbert Dirk Willemsz - van der Steen is gedoopt op 6-9-1681 in Den Dungen met doopgetuigen Lambrecht Janssen en Theunisken Gijsberts. 
Op 25-jarige leeftijd trouwde Huijbert op 5-6-1707 in Sint-Michielsgestel met de 19-jarige Maria Rutten, jongedochter geboren en wonend te Sint-Michielsgestel. Maria is waarschijnlijk gedoopt op 19-11-1687 in Sint-Michielsgestel als dochter van Rutgerus Johannis Rutten en Gertrudis (Truijken) Geritsdr. Huijbert's begraven is aangegeven op 26-5-1745 in Den Dungen.
Eén van Huijbert's kinderen is Anna, gedoopt op 20-10-1707 in Sint-Michielsgestel met getuigen Catharina Aart Janse van Roij en Dirck Willems van der Steen. Anna is een verre voorouder van Cornelis Heezen (1869-1944) en via hem van mijn neefjes.

Dirk Willems van der Steen, weduwnaar van Anna Huijbert, ging op 1-9-1703 in Sint-Michielsgestel
in ondertrouw met Cateleijn Hermens, weduwe van Roeloff Jansen.

Generatie 2 (ouders)

  1. Dierck Willems van der Steen is gedoopt op 23-6-1656 in Den Dungen met getuigen Servaes Peters van Berlicum en Dinge Hendrickxs. Dirk trouwde (2) op 16-9-1703 in Den Dungen met plaatsgenote Cateleijn Hermens, weduwe van Roeloff Jansen. Dirk trouwde (1) omstreeks 1677 met
  2. Anneke Huijberts. Dirck Willems van der Steen, als man van Anna, dochter van Huijbert Zegers, verwekt bij Margriet, dochter van Lambert Jan Adriaens, verwekt bij Jenneke Mattijs Meusen, is op 9-1-1697 in Den Dungen gemachtigde voor het afhandelen van de erfenis van wijlen Meriken Mattijs Meussen, in leven vrouw van Jan Janssen van den Oetelaar. Anneke en Dierck zijn de ouders van Pieter, Huibert [1], Margriet, Ariantie, Mari en de jong overleden Matthias.

Generatie 3 (grootouders)

De Jacobskerk in Den Dungen
  1. Willem Deelisen (“Wijellem Delesen”) van der Steen. Willem trouwde omstreeks 1651 met
  2. Aelken Peter Dijerckx . Zij zal zijn geboren omstreeks 1630. Aelken en Willem zijn de ouders van i.e.g. Dierck [2], Mariken en Matthijs.
  3. Huijbert Zegers. Een 'huijs, hoff ende aangelegen lant', gelegen opt Sontvelt, werd op 9-5-1696 gebruikt door Huijbert Zegers. Huijbert trouwde met
  4. Margriet Lambert Jan Adriaens. Margriet en Huijbert zijn de ouders van dochters Anna [3] en Theuntie die trouwde met Gijsbert van der Horst.

14 april 2023

Neeltge Corsse Spruijt uit Strijen trouwde 5x

De in de 17e eeuw levende Neeltge Corsse Spruijt uit Strijen trouwde 5 maal. Haar laatste echtgenoot is een voorouder van mij.

Neeltge Corsse Spruijt zal rond 1624 zijn geboren, afgaande op de datum van haar eerste huwelijk en de doopdatum van haar jongste kind. Haar vader, Cors Pietersz. Spruijt, was boer aan de Westdijk bij Strijen. Neeltge's moeder, Aeltje Jacobs Hoogwerff, was de tweede echtgenote van Cors.
Neeltge had een volle zus Emmetje, die vernoemd was naar hun vader's eerste vrouw, Emmetje Ariens van Driel. Neeltge had ook oudere halfzussen Elisabeth en Arijaentje, die in 1630 deelden in de erfenis van hun grootouders van moeder's zijde. De zoon in het gezin, Pieter, moet een volle broer van Neeltge zijn, want hij liet een dochter dopen met de naam Aeltje. Voor 1632 was hun moeder Aeltje Jacobsdr. echter overleden, waarna Cors Spruijt hertrouwde met Neeltje Pieters Radesteijn uit 's-Gravendeel. Uit dit laatste huwelijk werd nog een dochter Aeltje geboren. Rond 1647 is Cors Spruijt overleden, waarna zijn weduwe in 1649 is hertrouwd met een weduwnaar.

Neeltge Corsse maakte op 11 november 1643 in Dordrecht huwelijkse voorwaarden op met weduwnaar Herman Adriaensz Polderman, die al 3 eerdere echtgenotes had gehad. Zijn derde echtgenote was Maertgen Pieters Radesteijn, die waarschijnlijk een zus was van Neeltge's stiefmoeder. Met Neeltge kreeg Herman dochters Aaltje, vernoemd naar Neeltge's moeder, en Swaantje, vernoemd naar Herman's moeder. Herman is rond 1650 overleden.

Neeltge Corsse maakte op 26 februari 1651 in Dordrecht huwelijkse voorwaarden op met Andries Pietersz Munter, jongeman van Charlois. Neeltge woonde toen onder Klaaswaal en werd geassisteerd met haar voogd Thonis Jansz Polderman, de man van Neeltge's volle zus Emmetje.
Andries is een zoon van Pieter Anderiesz Munter en zijn vrouw Joosge Jans en een nakomeling van mijn 16e-eeuwse voorvader Andries Arijsz Munter. Met Andries kreeg Neeltge een dochter Catrintie. Andries en Neeltje testeerden op 14 augustus 1652 te Klaaswaal, toen Andries ziek te bed lag. Hij zal kort daarna zijn overleden. Bij de verdeling van de erfenis van Andries' ouders op 17 december 1654 was Neeltge inmiddels hertrouwd.

Neeltge's derde echtgenoot was Willem Jansz Bosman, die boer was in Nieuw-Cromstrijen. Met Neeltje kreeg hij 3 dochters: Pietertje, Aletta en Jannichie, die werd gedoopt op 7 mei 1662 in Strijen. Willem is overleden tussen 26 december 1662 en 2 april 1663 en liet zijn dochters maar liefst 6250 car. gld. na.

4 april 2023

Voorouders van Arie Wernaerts Vaendrigh

Arie Wernaerts Vaendrigh is geboren in Grooten Houdijk. Hij ging op 29 september 1758 in Harmelen in ondertrouw met Jannigje Cornelisse Eijndhoven. Jannigje is gedoopt op 23-4-1733 in Woerden met als getuige haar grootmoeder Jannegie Goeman. Jannigje's ouders zijn Cornelis Gerritsz (van) Enthoven (†1758) en Geertje Cornelisse Verhaar (±1705-†1762). Jannigje is als weduwe overleden op 16-6-1807 in Woerden. Jannigje en Arie zijn de ouders van o.a. Cornelis, Petrus, Wijnand, Johanna, Niesje en Geertruij (1767-1810), die trouwde met Gijsbert Griffioen (1754-1832) en zo een voorouder werd van mijn neefjes.

Ouders

2. Wernaert Pietersz Vendrig was in 1718-19 schepen van Kamerik. Samen met Gijsbert Pietersz Griffioen was hij voogd over zijn jongste broer Jan Pietersz Vaendrich. 
Wernaert trouwde op 21 november 1712 in Spengen (Utr) met
3 Jannichje Adriaans Hollander. Zij zijn de ouders van i.e.g. Haasje, Engeltje, Cornelis en Arie {1}.

Grootouders

4 Pieter Wernaertsz Vaendrigh was schepen van Kamerik in 1687, 1703-05 en 1707. Pieter is overleden vóór februari 1708. Pieter Warnarssen Veendrick en Simon Cornelisz. de Jongh verleenden op 1 februari 1690 garantie terzake borgstelling voor Harman Cornelisz de Jongh, hun (schoon)broer, ten behoeve van Frederick Wyten Ham wegens huur van een hofstede. Uit een protocol van Schout en Schepenen van Camerik van 27 april 1703 blijkt dat Pieter Wernaertsz Vaendrigh uit de nalatenschap van Jacob Blom heeft gekocht "seekere huijsinge met berghen, schuuren, bepootinge ende beplantinge, staent op de grond van Heeren Edelen en Ridderschap 's lands van Utrecht." Op 25 juli 1700 verpachtte de heer van Zuylen de tienden onder Kockengen Lockhorstgerecht over het jaar 1700 aan Pieter Wernartss Vendrick. Borg was Herman Corneliss de Jong.
Pieter trouwde met
5 Haesgen Cornelis de Jongh. Op 28 januari 1708 deed Haesjen Cornelis de Jongh, wed. Peter Warnartsen Vaendrigh, won. Camerick, in de Houdijck, overdracht aan haar zoon Cornelis Pieters Vaendrich van de huurweer hofstede, huis en hof te Houtdijk, in eigendom toebehorende aan St. Servaes, Outwyck, Matheus Bon, Wouter van Leelysteyn en de kerk van Kamerik, groot in de 40 morgen. Tevens deed zij verkoop van beesten en gereedschap, de melkerij en boerderij behorende. Overige belanghebbenden waren haar zoon Warnart Petersz. Vaendrich, Gijsbert Petersz. Griffioen, getrouwd met haar dochter Weijntjen Peters Vaendrich, Jan Petersz Vaendrich en de minderjarige Beatricx Peters Vaendrich. Haesgen is overleden in december 1712 in Houdijck (Utr). Na haar overlijden werd de boedelscheidings aanvaard door haar vijf kinderen. Daarbij kreeg Wernaert de hele boedel en betaalt de anderen een som geld. De kinderen zijn Wernaert {2}, Weijntje, Cornelis, Jan en Beatrix.
6 Adriaen (Arien) Cornelisz Hollander is geboren in Linschoten, Mastwijk. Arien Cornelisz is overleden vóór april 1718. Arien trad op 10 januari 1705 op als voogd over de minderjarige kinderen van Merrichjen Cornelis Hollander en Pieter Jansz. Hoogeveen.
Arien trouwde (2) op 21 februari 1699 in Linschoten met Weijntje Lamberts Schimmel, wonend te Mastwijk, eerder wonend te Soest. Weijntje Lambertsz Schimmel, weduwe van Arien Cornelisz. Hollander, huurde op 12 maart 1718 vier mergen weij- en bouwland.
Arien trouwde (1) op 28 november 1682 in Linschoten met
7 Ingetje Cornelisse van Oostrum. Zij is geboren in Achtersloot bij IJsselstein. Ingetje is de moeder van Cornelis (die een dochter Ingetje had) en Jannigje {3}.

19 september 2022

De ouders van Werner Hendrik Wassenberg (1675-1723)

De Amersfoortse familie Beltman stamt - in vrouwelijke lijn - af van de Venlose familie Goossens, de familie Op den Oordt en een familie Wassenbergh.
Zo kwam ik uit bij Wernerus Henricus (Werner) Wassenbergh (1875-1723). Hij was met zijn oudere broer Hubertus te vinden op de Limburgse GenWiki.nl, al werden zij daar als losse personen opgevoerd. De zoektocht naar hun ouders verliep moeizaam door de vele spellingsvarianten, waarbij in de katholieke doopboeken namen ook nog werden verlatiniseerd voor nog meer variatie. Wassenbergh werd - zo bleek - niet alleen aan het eind verschillend gespeld, maar soms ook met een m i.p.v. een n.

De eerste vondst was het huwelijk van Henricus Wassenberg met Anna Sijbilla Webbers:
Venlo, 1669: 3 feb. coram pastore contraxerunt Henricus Wassenberch et Anna Sibilla Webbers, test. Wilhelmo Breugels et Jo(ann)e Bunnickhusen.

Dit hoefde natuurlijk níet het juiste ouderpaar te zijn, maar het was het enige paar dat ik had gevonden en niet geprobeerd is altijd mis.
Na diverse pogingen besloot ik te gaan zoeken op “billa”. Dat bleek ook veel werk, want er bleek nog een andere Anna Sibilla Webbers te zijn, die was getrouwd met Otto Aam, en de naam kwam vaak als doopgetuige voor, al was dan vaak onduidelijk welke van de twee dan werd bedoeld. Desalniettemin leverde dit monnikenwerk 6 kinderen op met een hiaat tussen 1671 en 1675. Nog uitgebreider zoeken in de tussenliggende jaren leverde uiteindelijk ook de doop van Hubertus op.

Henricus Wassenbergh trouwde op 3-2-1669 in Venlo met Anna Sijbilla Webbers. Kinderen van Henricus en Anna Sijbilla zijn:

  1. Johanna Gertrudis Wassenbergh is gedoopt op 13-11-1669 in Venlo en jong overleden. 
  2. Johanna Gertrudis Wassenbergh is gedoopt op 21-5-1671 in Venlo en is overleden vóór 1682. 
  3. Hubertus Wassenbergh is gedoopt op 20-11-1672 in Venlo. Hubertus trouwde op 10-8-1697 in Venlo met Margaretha Maria Mouwe. Zij kregen kinderen genaamd Mathias Henricus (2x), Hubertus, anna Sophia, Maria Margaretha en Henricus Mathias. 
  4. Wernerus Henricus (Werner) Wassenbergh is gedoopt op 2-6-1675 in Venlo. Hij is begraven op 16-7-1723 in Venlo. Werner trouwde op 8-4-1703 in Venlo met Helena Faessen, dochter van Gerardus Faessen en Helena Mans. Zij is gedoopt op 2-2-1673 in Venlo. Zij werd 90 jaar oud en is begraven op 6-3-1762 in Venlo. Zij kregen kinderen Mathias, Hendrik, Leonardus, Gerardus, Henricus Mathias, Hubertus, Anna Catharina en Anna Maria.
  5. Henrikus Wassenbergh is gedoopt op 4-2-1678 in Venlo.  
  6. Anna Catharina Wassenbergh is gedoopt op 15-1-1679 in Venlo. 
  7. Johanna Gertrudis Wassenbergh is gedoopt op 24-5-1681 in Venlo. Zij huwde Petrus Scoots.

Zicht op Venlo

De familienaam Wassenberg is een toponiem en verwijst naar van de plaats Wassenberg in Duitsland, dicht over de grens bij Vlodrop, ten zuidoosten van Roermond.

De gebruikte bron is www.genbronnen.nl.

19 augustus 2022

Het Rampjaar 1672

Scherprechter (beul) Johannes Andriessen Kellenaer (1642-76) noteerde in het rampjaar 1672:

"Anno 1672. Den 19den Augustus heb ick mr. Johannes binnen Campen 13 fransoosen gehangen aen twee gerigten op de nieuwe marck, snademiddag om 5 uren begon ick ende twee uren daer na, omtrent 's avonts ten 7 uren had ick all gedaen in 't verwonderen van veel duijsen mensen".

Het rampjaar werd omschreven als "het volk redeloos, de regering radeloos en het land reddeloos", omdat we in het voorjaar van 1672 tegelijkertijd werden aangevallen door Frankrijk, Engeland, Münster en Keulen. Stadhouder Willem III, de latere Engelse koning, stelde - door het doorsteken van dijken - de Hollandse Waterlinie in werking om Amsterdam te beschermen, waardoor de Franse opmars in juli tot staan werd gebracht. De Franse manschappen hebben toen helaas wel vele Nederlandse kastelen geplunderd en vernield.

In augustus werden de gebroeders De Wit door een woedende, door orangistische partijgangers opgezweepte menigte op gruwelijke wijze vermoord. In de herfst haalden de Keulse en Münsterse bisschoppen hun troepen terug, omdat de keurvorst van Brandenburg troepen verzamelde om de Nederlanden te steunen en de bisschoppen bang waren in de rug te worden aangevallen. Pas een jaar later behaalde het leger van de Republiek der Nederlanden de overwinning op de Fransen.

"Franse Tiranny gepleeght op de Hollandtse Dorpen"

Bronnen: "Het Dordtse Scherprechtersgeslacht Kellenaer" van C.R.H. Snijder in "Ons Voorgeslacht", jaargang 70, februari 2015; Geschiedenis van de Lage Landen, Complete Editie, van J. ter Haar; http://rampjaar.blogspot.nl/; Wikipedia.

29 juli 2022

Plateelschilder Gillis Simonsz de Koning (1695-1729) in Delft

“Delfts Blauw” is aardewerk met blauwe decoratie dat een bloeiperiode beleefde in de periode 1640–1740. In plateelbakkerijen werd het aardewerk gemaakt door een plateeldraaier en vervolgens beschilderd door een plateelschilder. Beroemd zijn vooral tegels, apothekersflessen, sierborden, vazen, kandelaars en serviesgoed. Gillis Simonsz. de Koning werkte tijdens bovengenoemde bloeiperiode als plateelschilder in Delft.

Gillis Simonsz. de Koning werd gedoopt op 26-9-1695 in Delft als oudste zoon van plateelschilder Sijmon Willemsz. de Koningh (1669-1700) en zijn vrouw Neeltge van Troijen. De getuigen bij Gillis’ doop waren Gillis van Troije en Stijntje van Troije.

Imaginaire plateelwerkplaats

Gillis de Koning, jongeman wonend in de Pieterstraat, ging op 10-10-1716 in Delft in ondertrouw met Johanna de Graeff, jongedochter wonend aan de Oude Appelmarkt. Zij trouwden op de 25e. Gillis de Koning, wonend aan de Luijsemarkt, liet een dood kind begraven op 1-9-1717 bij de Oude Kerk. Hij liet op 3-8-1718 in Delft een zoon Pieter dopen met getuigen Eduwaart de Koning (1675-1721) en Geertrui Markeel. Johanna de Graeff, huisvrouw van Gillis de Koning, wonend aan de Luijsemarkt, werd begraven op 27-8-1718 bij de Nieuwe Kerk. Het kind van Gillis Simonsz. de Koning, plateelschilder in Delft, werden vervolgens op 18-18-1718 ingeschreven bij de weeskamer van Delft. 

De tweede vrouw van Gillis de Koning kwam ook uit een geslacht van plateelbakkers.

Gillis de Koning, weduwnaar wonende aan de Oude Appelmarkt, ging op 4-11-1719 in Delft in ondertrouw met Adriana van Broekerhoff, jongedochter wonend aan de Koornmarkt. Zij trouwden op de 19e. Adriana's vader Jacob en haar grootvader Sebastian van Broekerhoff werkten ook als plateelbakkers in Delft.
Gillis en Adriana lieten o.a. op 24-4-1729 in Delft een zoon Simon dopen. Gillis de Koning, wonend aan de Turfmarkt, is begraven op 3-11-1729 bij de Nieuwe Kerk, en liet toen 2 minderjarige kinderen na. Adriana Broeckenhof, weduwe van Gillis de Koning, wonend in de Breedsteeg, is op 21-6-1738 in Delft begraven in de Nieuwe Kerk. Zij liet geen kinderen na.

Bronnen: Collectie-Delft.nl, Stadsarchief.Rotterdam.nl, Histoire de la faïence de Delft.

17 juni 2022

De voornaam Japhet onder mijn voorouders

In de bijbel is Jafet (of Japheth) een zoon van Noach. Zijn broers heetten Sem en Cham. Op een dag was Noach in slaap gevallen. Toen hij zo door Cham werd aangetroffen, maakte die bespottende opmerkingen over zijn vader. Jafet en Sem, echter, bedekten hun vader met een mantel, zonder naar hun naakte vader te hebben gekeken. Dit is de herkomst van de Nederlandse uitdrukking “iets met de mantel der liefde bedekken”.

Ook onder mijn voorouders komt de voornaam Japhet voor. Zo is Joffijt Andriesz. een dubbele voorvader via zijn zoon Lenert en zijn dochter Margaretha (“Grijettgen”), die weer een dubbele voormoeder is via haar zoon Jafet en dochter Weijntge Hordijck, die trouwde met Coenraet Pieters wiens kinderen de achternaam In 't Veld gebruikten.
Via de eerder genoemde Lenert Japhetszoon heb ik voorouders met de achternaam In 't Veld. Via een dochter van hem kwam de voornaam Japhet ook voor in een familie Van der Linden.

   Joffijt Andriesz
  (†±1573)
|
+---------------------------+
|
Lenert Japhetsz
(†1602)
  |
Grijettgen Japhitten
(±1550-±1636)
|
Grietie Lenerts Jaeffete
(±1583-1662)
  |
Jafet Adriaens Hordijck
(*±1575-)
|
Japhet Hendriksz
in 't Veld
(±1619-1687)
 
|                            
(1)--------------------------(2)
|
Hendrick Jafetsz
in 't Veld
(±1647-)
  |
Lijntje Jafets
in 't Veld
(±1660-1704)
|
Japhet Hendriksz
in 't Veld
(1673-)
  |
Japhet Hendriks
van der Linden
(±1696-)
|
Anna Japhette
in 't Veld
(1700-1747)
  |
Hendriks Japhets
van der Linden
(±1740-)
|
Japhet Hendriksz
de Quartel
(†1778)
  |
Japhet Hendriks
van der Linden
(1773-1813)

Bronnen: WieWasWie.nl, NationaalArchief.nl, Zoeteman.net, FamilySearch.org, StadsArchief.Rotterdam.nl, nl.Wikipedia.org, "Ons Voorgeslacht" 1959, 2013, 2014, "Gens Nostra" 1991, "De Nederlandsche Leeuw" 1971, NVG Transcriptie Trouwboek Barendrecht.

9 februari 2022

Jan Renier Vrerix (1642-86) in Hasselt in België

De familie Vrerix heeft in de Belgische stad Hasselt een belangrijke rol gespeeld. Een belangrijke rol speelde het huwelijk van Frederik Vrerix (1613-1675) met Elisabeth de Geloes (1601-1664). Zij behoorde tot een bastaard tak van een adellijk Belgisch geslacht en haar broers bekleedden belangrijke functies.

Jan-Renier Vrerix (1642-86)

Uit het huwelijk van Frederik en Elisabeth zijn 6 kinderen bekend, waaronder zoon Jan Renier. Als weduwnaar is Frederik in 1669 hertrouwd met zijn volle nicht, de 41-jarige Elisabeth Vrerix. Slechts 3 maanden later beviel zij van een zoon Jacobus Gerardus Vrerix (1669-1747).
Frederik Vrerix (1613-1675) is op 27 mei 1639 benoemd tot schepen van zijn woonplaats Hasselt in België. Hij nam ontslag om 18 augustus 1674 ten voordele van zijn 31-jarige zoon Jan-Renier. Deze werd meerdere malen burgemeester van Hasselt tijdens de periode 1665-82.
Jan-Renier - ook Joannes Renerus en Jean-René genoemd - is gedoopt op 18 december 1642 in Hasselt met als peter zijn oom Renerus (“Renier”) de Geloes en als meter Maria Anna de Berlemont. Jan-Renier had een oudere broer Gerardus, gedoopt op 17 juni 1640, die pater is geworden in een Karthuizerklooster.

In augustus 1665 in Sint-Truiden is Jan-Renier Vrerix getrouwd met Anne Maria Claessens, dochter van Ludovicus Franciscus. Uit hun huwelijk zijn 5 dochters bekend en 2 zonen:

  1. Elisabeth Francisca (“Isabella Francisca”) is gedoopt op 30-5-1666 in Hasselt, België.  Zij trouwde eerst - met dispensatie - op 14-12-1683 in Hasselt met Joannes Vrerix. Joannes is gedoopt op 7-4-1658 in Hasselt en is een zoon van Arnoldus Vrerix en Gertrudis Vaedts. Joannes is overleden op 13-8-1685 in Hasselt. Isabella Francisca trouwde daarna op op 27-10-1685 in Hasselt met Ludovicus Franciscus Cox. Hij is gedoopt op 8-9-1654 in Hasselt en aldaar overleden op 14-9-1712. Isabella Francisca is overleden op 29-08-1711 in Hasselt. 
  2. Anna-Robertina is gedoopt op 27-1-1668 in Hasselt. Zij trouwde op 12 november 1689 met Balthazar Jorden Vuskens, gedoopt op 28-11-1663 in Hasselt, en kreeg met hem 12 kinderen. Anna-Robertina is overleden op 13-1-1725, ongeveer 58 jaar oud.
  3. Anna-Ida is gedoopt op 29-1-1670 in Hasselt. Anna-Ida trouwde, 24 jaar oud, op 29-5-1694 in Hasselt met Dominicus Niklaas Willem de Borman, zoon van Lambert de Borman en Agnès van der Heijden. Hij is gedoopt op 23-7-1665 in Bree, België. Dominicus is begraven op 8-4-1720 in Bree.  Anna-Ida is overleden in maart 1750 in Bree, ongeveer 80 jaar oud. Zij is een voorouder van de familie Beltman in Amersfoort.
  4. Maria Johanna is gedoopt op 16-2-1672 in Hasselt en overleden ná 1701.
  5. Fredericus is gedoopt op 20-10-1672 in Hasselt. Freedrik is overleden ná april 1692, minstens 19 jaar oud.
  6. Maria Theresa is gedoopt op 7-10-1677 in Hasselt en overleden ná augustus 1693, minstens 15 jaar oud.
  7. Johannes Mathias gedoopt op 5-9-1681 in Hasselt. Hij werd tot priester gewijd in 1703 in Luik. Hij werd pastoor te Ulbeek waar hij de vervallen kerk herbouwde. Johannes is overleden op 4-4-1730, 48 jaar oud. 

13 december 2021

Gijsbrecht Lambrechts Cruijck en "De Porceleyne Schotel"

Zakenman Lambrecht Gijsbertsz. Cruijck kocht in 1640 in Delft plateelfabriek “De Dissel” aan de Molslaan. Een plateelfabriek is een aardewerk fabriek waar keramiek wordt geproduceerd. Lambrecht en andere Delftse plateel fabrikanten hadden genoeg geld om experimenten aan te moedigen en innovaties te stimuleren. Daardoor waren de Delftse plateelfabrieken in staat om uitzonderlijke meesterwerken in grote hoeveelheden te produceren. Zo werd Delft één van de toonaangevende keramische centra in Europa.

De oude kerk van Delft

Lambrecht woonde in de Molslaan in Delft met zijn tweede vrouw Annetje Arents en zijn zoon en 3 dochters uit een eerder huwelijk. Lambrecht is overleden op 11-11-1644. Zijn weduwe hertrouwde op 3-5-1646 met weduwnaar Jop Pietersz. Oosterlaan, wiens zoon Pieter daarna met één van haar stiefdochters trouwde.
Een tweede dochter van Lambrecht, Christijna Cruijck (†1677), is in 1643 getrouwd met Wouter van Eenhoorn, die aandelen bezat in plateelfabriek “De Porceleyne Fles”. Een derde dochter trouwde in 1646 met Willem Cleffius (ook: Klestius), afkomstig uit Keulen en wonend in Amsterdam, die ook in plateelfabrieken investeerde.
Lambrecht's enige zoon Gijsbrecht werd meester plateelbakker op 23 oktober 1645. Zijn werk werd al gauw geroemd om de vakkundig gemodelleerde vormen, de elegantie en het licht bleke decor dat afstak tegen een lichte, azuurblauwe achtergrond.

Op 1-7-1646 in Delft werden huwelijkse voorwaarden opgemaakt tussen Gijsbrecht Lambrechts Kruijck, wonend binnen deze stad, en geassisteerd met zijn zwager Wouter van Eenhoorn en zijn oom Harmen Willems Braije, ter eenre, en Annetgen Wouters van Lit, geassisteerd met haar vader Wouter Claess van Lit, ter andere zijde. Het stel trouwde op de 22e.
Kinderen van Gijsbrecht Kruijck werden begraven in Delft op 16-1-1648, 21-12-1648, 16-10-1651, 19-7-1656, 17-11-1657 en 3-4-1663 en een zoon van hem ald. op 2-12-1670. Hoogstwaarschijnlijk zijn Lambertus, Hendrick en Judith, die wèl de volwassen leeftijd bereikten, ook kinderen van Gijsbrecht. In een testament van 24-10-1670 heeft Lambertus Cruijck het over "Gijsbregt Cruijck sijnen vader".

Het eigendom van de in 1651 opgerichte plateelfabriek “De Paauw” aan de Koornmarkt was aanvankelijk onder meerdere mensen verdeeld. In 1663 waren Willem Cleffius, Gijsbrecht Lambrechtsz Cruijck, Wouter van Eenhoorn en Leendert van der Let eigenaren. In 1677 was Gijsbrecht echter geen eigenaar meer.
Gijsbrecht Lambrechtsz. Kruijck betaalde in 1667-68 ƒ1 kadegeld voor "cum socijs voor de plateelbackerie van de Pauw". Ook werd hij aangeslagen voor 3 huizen ("tsedert 1680 nog als plat 12 st").
Behalve van “De Paauw” en “De Dissel” is Gijsbrecht ook nog (mede)eigenaar geweest van plateelfabrieken genaamd “De Witte Ster” en “De Proceleyne Schotel”. De laatste had hij in de 1640-er jaren gekocht van Dirck Hieronimusz van Kessel. Die fabriek was inmiddels uitgegroeid tot een hele rij huizen, schuren en erven. Het bedrijf had ook 2 molens en een eigen kleiwasserij, die aan de oostkant van de stad was gevestigd.
Op 5-10-1671 werd Gijsbrecht Kruijck samen met Pieter Kam door de magistraat afgevaardigd om toezicht te houden op de registratie van contracten tussen meesters en hun leerlingen bij aardewerk fabricage.

19 oktober 2021

Zeilmaker Jan Jansz Bras (1634-1656) en zijn familie

Zeilmakersknecht Jan Jansz. Bras voer als tiener op 2 april 1650 uit op het in 1631 gebouwde spiegelretourschip “Zeelandia” voor de kamer van Rotterdam. Bij vertrek waren er 325 mensen aan boord. Het schip arriveerde op 6 september in Batavia. Op 11 december vertrok het schip weer richting Nederland, maar Jan bleef in Azië.
In 1656 werd Jan ziek en voerde waarschijnlijk enkele gesprekken met een kennis over zijn nalatenschap. Jan overleed dat jaar in “Fort Henricus” op Solor. Solor is een vulkanisch eiland van 40 bij 6 km. Het maakt deel uit van de Kleine Soenda-eilanden van Indonesië. Het belangrijkste product van het eiland was toendertijd sandelhout dat o.a. als reukmiddel werd gebruikt.

De fortificatie op het eiland Solor

19 juli 2021

Delftse plateelschilder Johannes Pietersz van der Sluijs

Pieter Jans van der Sluijs, jongeman wonend in de Zusterlaan, trouwde op 3-2-1664 in Delft met Jannitgen Pieters van Beus, weduwe van Huijbrecht Mehu en eveneens wonend in de Zusterlaan. Reeds op 18-11-1664 lieten zij in Delft een zoon Pieter dopen. Later volgde nog een zoon Johannes. Jannitgen Pieters, huisvrouw van Pieter Jansz. van der Sluijs, wonend in Delft aan de Vest tussen de Vlamingstraat en Rietveld, is begraven op 10-9-1681 bij de Nieuwe Kerk. 

De Nieuwe Kerk van Delft
op een Delftsblauwe tegel

Pieter's zoon Johannes Pietersz. van der Sluijs was plateelschilder, een schilder van Delfts aardewerk. Hij trouwde op 15-6-1687 in Delft met Maria Pieters van der Sprenkel, jongedochter, wonend in de Vlamestraat. Johannes en Maria waren op 22-2-1688 in Delft samen getuige bij de doop van Johannis, zoon van Robbrecht Pietersz van der Sprenkel en Cornelia Jacobs van der Biest.
Zelf kregen Johannes en Maria de volgende kinderen:

  1. Pieter is gedoopt op 25-11-1688 in Delft met getuigen Pieter Jansz. van der Sluijs, Annetie Jans en Cornelia van der Bilt. 
  2. Rutgert is gedoopt op 19-5-1695 in Delft met getuigen Rutgert, Annetie Jans en Geertruit Rutgers.
  3. Louwijs is gedoopt op 28-6-1696 in Delft met getuigen Marijtie Pieters van der Sprenkel, Louwijs de Hoog en Pieternelletie van der Sprenkel. Louwijs woonde aan de Rietveld en is Mogelijk begraven op 19-2-1765 bij de Nieuwe Kerk. 
  4. Joannis is gedoopt op 21-5-1698 in Delft met getuige Annetie Jans.
  5. Barber is gedoopt op 28-1-1700 in Delft met getuigen Harmanus van der Sluis, Antonette van der Sluis en Annetie Dirx. barber is begraven op 10-1-1733 in Delft bij de Nieuwe Kerk als zijnde een meerderjarige dochter.
Maria van der Sprenkel, wed. van Johannes van der Sluijs, wonend in de Kerkstraat, is begraven op 18-2-1743 in Nieuwe Kerk van Delft, nalatend 2 meerderjarige kinderen.