29 juni 2026

Oudnederlandse Term: Kerfstok

Een kerfstok was een houten stok waarop schulden of verbruik op krediet werden bijgehouden door middel van kerven. Hoe meer inkepingen in de stok waren aangebracht, hoe hoger dus de schuld.

De kerfstok werd in de 17e eeuw veel gebruikt door winkeliers en herbergiers om schulden bij te houden. Bij goed gebruik was sprake van een set van twee kerfstokken die gesplitst waren uit één stuk hout. De schuldeiser en de schuldenaar bewaarden elk een deel, zodat er geen misverstanden konden ontstaan. Telkens als er iets werd gekocht, werden de twee delen tegen elkaar gehouden en werd er op beide een kerf aangebracht. De twee helften pasten precies op elkaar, wat zorgde voor een betrouwbaar bewijs van de schuld. Wanneer de schuld werd betaald, werden de kerven verwijderd door het hout bij te schaven.  

De vrouw op de achtergrond werkt de kerfstok bij

De uitdrukking “iets op zijn kerfstok hebben” betekent dat iemand iets verkeerds of strafbaars heeft gedaan. Oorspronkelijk betekende het een openstaande schuld of verplichting.

De uitdrukking “dat is vaste prik” beteken dat iets regelmatig gebeurt, dat je daar de klok op kunt gelijkzetten. De prik in deze uitdrukking is oorspronkelijk een ingeprikte punt (of een kerfje) op een kerfstok.

Bronnen: nl.wikipedia.org, onzetaal.nl, historiek.net.

22 juni 2026

Willem Ligthart ging het gevang in voor het roepen van "Vivat! Leve de Potter!"

Louis-Joseph-Antoine de Potter (Brugge, 26 april 1786 – aldaar, 22 juli 1859) was een journalist die op prominente wijze deelnam aan de Belgische Revolutie van 1830. Hij schreef meer dan honderd boeken, petities en pamfletten, waaronder de "Brief aan mijn Medeburgers". Hij was een republikein die met lede ogen zag dat de revolutie een monarchale wending nam.

Schipper Willem Ligthart uit De Made (NB) riep openlijk: "Vivat! Leve de Potter" en zei "Als De Potter baas was, zoude het zoo niet met mij gaan". Daarvoor werd hij veroordeeld tot 2 jaar gevangenisstraf. Willem was 25 jaar oud toen hij op 17 december 1830 werd opgesloten in de gevangenis op het Oostereiland bij Hoorn. Hij kreeg later een kwijtschelding van 8 maanden en 5 dagen. Dit was het gevolg van een amnestie verleend door de koning op 22 februari 1832. Willem werd uit de gevangenis ontslagen op 8 maart 1832.

De gevangenis van Hoorn lag op een eiland en werd "De Krententuin" genoemd

Er is een Wilhelmus Ligthart r.k. gedoopt te Made en Drimmelen op 25 juli 1805 als zoon van Joannes Ligthart en Joanna van Eijkeren. Deze Willem Ligthart trouwde met Adriana Stam op 19 juni 1830 in Ooltgensplaat. Zij kregen een dochter Johanna op 18 oktober 1834 te Made en Drimmelen. Daarbij wordt vermeld dat Willem Ligthart werkzaam was als schipper. Er volgenden daarna nog diverse kinderen. Ook bij de geboorte van hun zoon Johannes op 8 mei 1842 in Made en Drimmelen was Willem nog schipper van beroep. Willem Ligthart, man van Adriana Stam, is overleden in de gemeente Hooge en Lage Zwaluwe op 17 november 1854.

Bronnen: WieWasWie.nl, BHIC.nl, RegionaalArchiefTilburg.nl, Zeelieden, bedelaars en gevangenen op het oostereiland in de Zuiderzee, nl.wikipedia.org.

5 juni 2026

De 19 kinderen van Aagje Kooij en Leendert Reedijk

Leendert Reedijk en Aagje Kooij verloren in Maasdam op 5 juni 1899 hun 2 jongste kinderen Hendrik (6) en Teunis (4). Zij bleken helaas niet de enige jonggestorven kinderen van dit echtpaar te zijn.

Nieuwe Vlaardingsche Courant, 17-6-1899

Leendert Reedijk is geboren op 15 juni 1844 in 's-Gravendeel als jongere zoon van Leendert Reedijk sr. (1812-1894) en Maaijke van Gemert (1814-1899), die beiden van 's-Gravendeel afkomstig waren. Leendert Leendertse Reedijk was 26 jaar oud toen hij op 1 juni 1871 in 's-Gravendeel trouwde met de 21-jarige Aagje Kooij.
Aagje is geboren op 23 januari 1850 in 's-Gravendeel als dochter van Bastiaan Kooij (1810-1902) en diens eerste vrouw Bastiaantje den Boer (1816-1860). Hun eerste 4 kinderen werden geboren in 's-Gravendeel en bereikten de volwassen leeftijd. Echter, nadat zij naar de gemeente Maasdam - en dan waarschijnlijk het gehucht Cillaarshoek - waren verhuisd, stierven veel van hun daar geboren kinderen jong. Slechts 7 kinderen zouden de volwassen leeftijd bereikten.