Gerrit Mookhoek had bijna de haven van Ooltgensplaat bereikt met zijn diepgeladen schout met zand, toen door de toenemende wind en hooggaande zee de schuit vol water begon te lopen. Gerrit verdween met zijn schuit in de diepte. Hij droeg een lange, blauwe broek en een zwart vest zonder mouwen. Zijn varensgezel Klaas Hokke wist in de mast te klimmen en hing daar bijna een half uur totdat hij werd gered door een voorbij varende schipper.
![]() |
| Groninger Courant, 1-5-1829 |


