Posts tonen met het label Mookhoek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Mookhoek. Alle posts tonen

17 april 2016

Schipper Gerrit Mookhoek verdronk in 1829

Schipper Gerrit Mookhoek werd op 6-5-1787 in Numansdorp gedoopt als zoon van Joost Mookhoek en Margaretha Valk. Hij trouwde op 1-5-1824 in Middelharnis met Adriana Wilhelmina Bout. Zij werd gedoopt op 29-2-1804 op Tholen als dochter van Cornelis Bout en Jacoba Lonke. Gerrit en zijn vrouw gingen in Ooltgensplaat wonen, waar op 22-3-1825 hun zoon Joost werd geboren. Op 8-4-1829 aldaar werd hun dochter Gerritje geboren en 8 dagen later verdronk Gerrit.

Gerrit Mookhoek had bijna de haven van Ooltgensplaat bereikt met zijn diepgeladen schout met zand, toen door de toenemende wind en hooggaande zee de schuit vol water begon te lopen. Gerrit verdween met zijn schuit in de diepte. Hij droeg een lange, blauwe broek en een zwart vest zonder mouwen. Zijn varensgezel Klaas Hokke wist in de mast te klimmen en hing daar bijna een half uur totdat hij werd gered door een voorbij varende schipper.

Groninger Courant, 1-5-1829

28 januari 2015

Een vroegere woning van mijn grootouders in de Mookhoek is uitgebrand

In de nacht van zondag op maandag jl. is een woning aan de Schaweg in het Nieuw-Bonaventura bij de Mookhoek (ZH) uitgebrand. Toen de brandweer ter plaatse kwam sloegen de vlammen al uit het pand en had ook problemen met het krijgen van voldoende water.

In deze woning heeft mijn moeder met haar ouders gewoond.
Bovenstaande foto is afkomstig van nieuwsopbeeld.nl.

Pieter de Jong
(1892-1973)
In deze woning heeft mijn moeder gewoond met haar ouders, Pieter de Jong (1892-1973) en Willempje Cornelia Zijderveld (1892-1976). Het was een arbeiderswoning, die werd gehuurd van de boer, waar mijn opa voor werkte (meer daarover vindt je bij opa's melkdiploma). De boer betaalde regelmatig maar een deel van opa's salaris uit en opa en enkele van zijn zoons, die ook voor de boer werkten, moesten lange dagen maken.

Na de oorlog eisten mijn ooms, net als andere mensen, een vrije zaterdagmiddag, maar de boer weigerde. Daarop werd de hele familie ontslagen en uit dit huis gezet. Korte tijd verbleef het gezin in het schoolgebouw. Daarna kregen zij een nieuwe woning toegewezen. Dat is de woning die onder liep tijdens de watersnoodramp van 1953.

6 november 2014

Oma's persoonsbewijs uit de oorlog

Onlangs gaf mijn oom Cees mij een klein kistje met daarin allerlei documenten van wijlen mijn grootouders, Pieter de Jong (1892-1973) en Willempje Cornelia Zijderveld (1892-1976). Mijn oma heb ik alleen gekend, toen ik zelf nog klein was en zij een gebogen oud vrouwtje in zwarte kleren. Ik ben dan ook enorm blij dat in het kistje een persoonsbewijs van mijn oma zat:

Mijn oma's persoonsbewijs

31 augustus 2014

Teunis Centen Eellant (†1701) van 's-Gravendeel

Teunis Centen Eelhant/Eellant/Eenland/Elandt, in 1696 wonende te 's-Gravendeel en in de Mookhoek, was getrouwd met Leijntje Cornelisse. Zij zijn waarschijnlijk dubbele voorouders van mij via hun waarschijnlijke dochters Soetie en Lijsbet. Daar de doopboeken van 's-Gravendeel helaas vernietigd zijn, is er weinig van dit echtpaar bekend. in de periode 1696-97 zijn Leijntje en 4 van hun kinderen overleden: "Den 31 augustij 1696: ontfangen van Teunis Centen Eellant de somme van drie guldens, voor ’t regt van begraven van desselfs vrouw, genaempt Leijntje Cornelis, als gehoorende onder de classis van drie gul." Teunis overleefde haar nog 5 jaar, want in maert 1701 werd "ontfangen van Willem Teunisse Eellant drie guldens voort regt van begraven van ’t lijck van sijn vader, genaemt Teunis Senten Eellant, aengevinge gedaen hebbende onder de classis van drie gulden".

31 januari 2013

Familie De Jong en de watersnoodramp van 1953

Mijn moeder, Rie de Jong, was 19 en woonde met haar jongere zus en beide ouders, Pieter de Jong (1892-1973) en Willempje Cornelia Zijderveld (1892-1976), vlakbij de kerk in de Mookhoek, toen tussen half 3 in de nacht van zaterdag 31 januari en 3 uur in de namiddag van zondag 1 februari 1953 de dijken doorbraken in het zuidwesten van Nederland. 

Rie de Jong
Rie de Jong
In de Hoeksche Waard brak 's nachts de dijk van de polder Groot Koninkrijk op 14 plaatsen door, waarna die polder met grote snelheid vol stroomde. De dijk langs de achterliggende Mijlpolder bij 's-Gravendeel was tegen die muur van water niet bestand en bezweek ook. Veel 's-Gravendelers vluchtten naar de Molendijk tussen 's-Gravendeel en Puttershoek, maar in die dijk vielen 12 gaten, waardoor veel 's-Gravendelers om kwamen. Sommige gaten in de dijken werden door de kracht van het water meer dan honderd meter breed en vele meters diep. 

De volgende dag liep de bijna 2500 ha. grote polder Nieuw-Bonaventura vol. Mijn moeder wilde nog iets uit het schuurtje gaan halen, maar zag een enorme muur van water aankomen en vluchtte snel weer het huis in. De begane grond van hun huis liep onder water en het gezin vluchtten naar de zolder. Al gauw stond het water ca. 1,70 m. hoog en dreef er allerlei keukengerei door de kamer. Twee huizen verder zag mijn moeder een dode koe drijven.  

Na een nacht omringd door water werd het gezin De Jong op maandag 2 februari gered. Eerst werden ze opgevangen in Ahoy in Rotterdam. Daarna werd mijn moeder met haar jongere zus ondergebracht bij een gezin in de Van Weelstraat in Rotterdam, dat zelf ook een dochter had. Mijn grootouders werden elders onder gebracht. 
Watersnood in de Mookhoek
De familie De Jong woonde in de tweede woning van links (de derde vanaf de kerk)

Mijn vader, Teun Bos, was met zijn vriend Jan Hoogvliet in de rampnacht pas rond 12 uur 's avonds uit 's-Gravendeel vertrokken. Ze hadden niets gemerkt van de ramp die zich daar die nacht voltrok. Die zondagmorgen was mijn vader net klaar met koeien melken, toen zijn vriend hem kwam roepen, omdat hij iets gehoord had over overstromingen in 's-Gravendeel. Met de jeep reden ze over de Strijense dijk richting de Mookhoek, maar al gauw konden ze niet verder, omdat de dijk vol vee stond. Toen ze terug reden, liep er al water over de dijk vanuit het Land van Essche de polder Nieuw-Bonaventura in en konden ze ook niet meer terug met de jeep. Gelukkig kwam er een legertruck met grote banden uit de richting van Sas met mensen achterin onder het tentdoek en daar mochten ze mee meerijden. Terug op de Keizersdijk wilden de mensen daar niet geloven dat ze omringd waren door water. 

Toen de mensen zich eindelijk realiseerden hoe ernstig de situatie was, zijn ze zandzakken gaan vullen om de Oud-Bonaventuurse dijk tussen Maasdam en Strijen op te hogen nabij Strijen, waar de dijk veel lager was en het water er overheen begon te lopen. Op het laagste punt van de dijk werd meer dan een meter aan zandzakken aangebracht. 's Nachts bewaakten de mannen de gehele dijk en moesten ze alarm slaan als het ergens fout dreigde te gaan, maar gelukkig hield de Oud-Bonaventuurse dijk stand, zodat Cillaarshoek droog bleef.

Ongeveer een week later was het water zover gezakt dat Jan Hoogvliet de op de dijk achtergelaten jeep met de fiets kon bereiken en hem heeft teruggebracht. Tot april toe stond echter ook in de "droge" polders rondom Cillaarshoek een laagje water, omdat de gemalen geen regenwater konden afvoeren naar de ondergelopen gebieden. 

Bronnen: R. Allewijn, Een zee van water, Waterschap 'De Groote Waard', Klaaswaal,1983, en getuigenissen van mijn beide ouders. 

Zie ook: Het melkdiploma van mijn opa De Jong van 1931.